ECLI:NL:PHR:2012:BY0539
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling nietigverklaring staatssteungarantie en begunstigde in mededingingsrechtelijke procedure
Deze zaak betreft een vervolg op een prejudiciële vraag die de Hoge Raad in 2010 stelde aan het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ EU) over de nietigverklaring van een door de overheid verstrekte kredietgarantie in het kader van verboden staatssteun. Het HvJ EU oordeelde in 2011 dat de nationale rechter bevoegd is om een dergelijke garantie nietig te verklaren indien dit kan bijdragen aan het herstel van de mededingingssituatie van vóór de garantieverstrekking, mits geen minder dwingende maatregelen beschikbaar zijn.
De Hoge Raad bespreekt in deze conclusie de interpretatie van het arrest van het HvJ EU en benadrukt dat niet iedere nietigverklaring automatisch leidt tot ongedaanmaking van de concurrentieverstoring. Het is aan de nationale rechter om te beoordelen of nietigverklaring effectief en proportioneel is. Tevens is onduidelijk wie precies als begunstigde van de staatssteun moet worden aangemerkt: de kredietnemer Aerospace, de kredietgever Residex, of beiden.
De Hoge Raad wijst erop dat het HvJ EU de mogelijkheid openlaat dat Residex als begunstigde een economisch voordeel heeft genoten doordat de garantie ook zekerheid bood voor een bestaande vordering. Dit roept complexe vragen op over de terugvordering en de prioriteit van ongedaanmaking van verschillende begunstigingen. De zaak wordt verwezen voor verdere behandeling waarbij deze aspecten nader moeten worden onderzocht.
De conclusie van de advocaat-generaal luidt dat het bestreden arrest vernietigd dient te worden en de zaak wordt verwezen voor verdere beoordeling, met inachtneming van de richtlijnen van het HvJ EU over effectiviteit en proportionaliteit van de maatregelen en de vaststelling van de begunstigde(n).
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd en de zaak verwezen voor verdere behandeling met inachtneming van het prejudiciële arrest van het HvJ EU.