ECLI:NL:PHR:2012:BY5218
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing aanhoudingsverzoek in zaak profijtontneming
In deze zaak heeft het Gerechtshof Amsterdam veroordeelde opgelegd om €7.100,- aan wederrechtelijk verkregen voordeel aan de Staat te betalen. Namens veroordeelde werd cassatie ingesteld tegen de afwijzing van een verzoek tot aanhouding van de terechtzitting.
De verdediging stelde dat veroordeelde vanwege een gelijktijdige raadkamerzitting van de rechtbank Utrecht, waar hij bij betrokken was, niet aanwezig kon zijn bij de hofzitting. Het hof wees het verzoek af omdat de afwezigheid het gevolg was van de eigen keuze van veroordeelde en het belang van een behoorlijke strafvordering zich verzette tegen aanhouding.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof in redelijkheid heeft geoordeeld dat het belang van een voortvarende strafvordering zwaarder woog dan het aanwezigheidsrecht van veroordeelde, mede omdat niet was gebleken dat getracht was de raadkamerzitting te verplaatsen of dat veroordeelde tijdig inspanningen had verricht om zijn aanwezigheid te realiseren.
Het cassatiemiddel faalt en het beroep wordt verworpen. Er zijn geen gronden voor ambtshalve vernietiging van de bestreden uitspraak.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot betaling van €7.100,- blijft in stand.