Conclusie
eerste middel, bezien in samenhang met de toelichting daarop, klaagt dat het Hof ten onrechte geen nader onderzoek heeft gedaan naar het testrapport dat aan de NMI-verklaring ten grondslag ligt, althans dat het Hof de afwijzing van een daartoe strekkend verzoek ontoereikend gemotiveerd heeft afgewezen.
(…)
Gelet op het vorenstaande verzoekt de raadsman primair de zaak aan te houden tot nader onderzoek is verricht naar de deugdzaamheid van het gebruikte ademanalyseapparaat (…) en subsidiair de verdachte vrij te spreken van hetgeen aan hem is ten laste gelegd.”
tweede middel, bezien in samenhang met de toelichting daarop, bevat de klacht dat het Hof ten onrechte niet heeft onderzocht of de verbalisant die het ademanalyseapparaat heeft bediend beschikte over de benodigde kennis en vaardigheden en daartoe was aangewezen, althans dat het oordeel dienaangaande door het Hof ontoereikend is gemotiveerd.
(…)
Verder zijn er geen feiten en omstandigheden aannemelijk geworden die een gerechtvaardigde reden tot twijfel opleveren aan de bevoegdheid en bekwaamheid van verbalisant [verbalisant 1] zoals door de raadsman is betoogd.”
Op 18 augustus 2011 ontving ik via het Ressortsparket ‘s-Gravenhage uw, namens [verdachte], ingediende verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur van 18 juli 2011. Dit verzoek had betrekking op een door uw cliënt op 28 februari 2008 gepleegde overtreding van artikel 8 van Pro de Wegenverkeerswet. In deze brief verzoekt u om toezending van de navolgende documenten:
(…)
5. van degene die het ademanalyseapparaat heeft bediend ook het certificaat van bekwaamheid, waaruit blijkt dat hij/zij op die datum de juiste opleiding met goed gevolg had doorlopen voor het bedienen van het betreffende ademanalyseapparaat;
(…)
Bij brief van 16 september 2011 heeft u politie Haaglanden in gebreke gesteld wegens het niet tijdig beslissen op uw verzoek onder punt 5. het certificaat van bekwaamheid van de politieambtenaar die de ademanalyseapparatuur heeft bediend. De politieambtenaar die de ademanalyseapparatuur ([verbalisant 1]) heeft bediend beschikt niet over een certificaat van bekwaamheid voor het bedienen van deze apparatuur. Dit certificaat van bekwaamheid kan u dan ook niet verstrekt worden.
(…)”
2. Een aanwijzing als bedoeld in het eerste lid geschiedt slechts, indien de betrokken ambtenaar heeft getoond de voor het bedienen van het ademanalyse-apparaat benodigde kennis en vaardigheden te bezitten.
3. Onze Minister van Justitie kan in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Onze Minister van Defensie nadere regels stellen omtrent de kennis en vaardigheden van de bedienende ambtenaren."
Aangezien het hier een voor de toepassing van de wet essentiële opsporingshandeling betreft, is bepaald dat alleen opsporingsambtenaren als bedoeld in artikel 141 van Pro het Wetboek van Strafvordering als bedienaar kunnen optreden. Daarnaast is voorzien in een uitdrukkelijke aanwijzing door de betrokken politiechef of brigadecommandant van een ambtenaar die de benodigde kennis en vaardigheden bezit om met het door hem te bedienen apparaat om te gaan. Hiertoe zijn binnen de politie verschillende opleidingen in het leven geroepen. Voorshands ligt het niet in de bedoeling ter zake nadere regels vast te stellen. Het derde lid biedt echter de mogelijkheid om daartoe zo nodig over te gaan."
bij de Hoge Raad der Nederlanden