Conclusie
Het middel
Parket bij de Hoge Raad
Het gerechtshof te Leeuwarden heeft verdachte veroordeeld voor diefstal en overtredingen van de Wet wapens en munitie. Tijdens de procedure in hoger beroep werd het onderzoek op meerdere zittingen voortgezet met wisselende samenstellingen van het hof. Op 11 mei 2012 werd het onderzoek hervat in de stand waarin het zich bevond ten tijde van de schorsing, maar bij een gewijzigde samenstelling van het hof zonder dat uit het proces-verbaal bleek dat de verdachte en de Advocaat-Generaal hiermee hadden ingestemd.
De Hoge Raad oordeelt dat artikel 322 lid 3 Sv Pro vereist dat bij een gewijzigde samenstelling het onderzoek opnieuw moet worden aangevangen tenzij de verdediging instemt met voortzetting in de oude stand. Deze instemming ontbrak hier, zodat het hof het onderzoek opnieuw had moeten beginnen. Hoewel de schriftuur niet duidelijk maakte in welk rechtens te respecteren belang de verdachte door deze niet-naleving was getroffen, acht de Hoge Raad dit belang vanwege het fundamentele karakter van het voorschrift wel aanwezig.
De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep gegrond en vernietigt het arrest van het hof. Er wordt verwezen naar een passende beslissing op basis van artikel 440 Sv Pro. De conclusie is opgesteld door de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het arrest van het gerechtshof wordt vernietigd wegens niet-naleving van artikel 322 lid 3 Sv bij gewijzigde samenstelling zonder instemming van verdachte en AG.