Conclusie
middelklaagt erover dat de dagvaarding in hoger beroep niet geldig betekend was althans verdachte niet heeft bereikt en het Hof ten onrechte de behandeling van de zaak niet heeft aangehouden nu de verdachte geen gebruik heeft kunnen maken van zijn aanwezigheidsrecht.
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1946,
adres: [a-straat 1] te [woonplaats],
is niet ter terechtzitting verschenen.
De advocaat-generaal verzet zich tegen aanhouding van de behandeling van de zaak.
In verband daarmee bericht ik u dat na herhaaldelijke verzoeken contact met mij op te nemen ik niets van [verdachte] heb mogen vernemen.
Gelet op het voorgaande is het mij dan ook niet duidelijk of [verdachte] nog mijn rechtsbijstand wenst en zal ik dan ook niet bij de zitting op genoemde datum aanwezige zijn.
Ik geef u in overweging de zaak aan te houden opdat [verdachte] in de gelegenheid wordt gesteld een en ander met mij te bespreken danwel een nieuwe advocaat in de arm te nemen.”
fresh determination of the merits of the charge) met gelegenheid tot uitoefening van zijn verdedigingsrechten. [8] In dat verband merken Keulen en Knigge op:
fresh determinationvan zijn zaak. In hoger beroep heeft de verdachte alleen recht op cassatie, waarbij van een nieuwe berechting geen sprake is. Daarom is hier de vraag of, als van afstand van recht geen sprake is, de ‘eigen schuld’ van de verdachte een berechting in diens afwezigheid kan rechtvaardigen. Die vraag klemt als de zaak in eerste aanleg ook al bij verstek is behandeld.” [9]