Conclusie
- zijn zonder toestemming van de rechthebbende ruimtes verbouwd en
- is in het pand de CV-installatie verwijderd en
- zijn in het plafond naar de eerste verdieping meerdere gaten geboord en
- zijn elektrakabels in het pand doorgeknipt en
- is het systeemplafond op de begane grond verwijderd”
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van de verbalisant:
Op 23 maart 2010 omstreeks 8.00 uur is een onderzoek verricht in het pand aan de [a-straat 1] te Cruquius in de gemeente Haarlemmermeer, alwaar een in bedrijf zijnde hennepkwekerij werd aangetroffen.
Het perceel betreft een bedrijfspand. Nadat de deur werd geopend kwamen wij in de hal. In de gang was een trap naar de bovenverdieping. Ik ben via de trap naar de bovenverdieping gelopen. Aldaar zag ik verschillende luchtslangen liggen. De luchtslangen kwamen vanaf de begane grond en gingen naar het dak.
De deur naar de bedrijfsruimte werd geopend. Vervolgens kwamen we in de bedrijfsruimte. In deze ruimte was een kamer gebouwd met gipsblokken. Deze kamer was onderverdeeld in twee afzonderlijke kamers. In elk van deze kamers was een in werking zijnde hennepkwekerij gevestigd: kweekruimte A en kweekruimte B. In kweekruimte A stonden 461 potten met aarde, hierin stonden 461 hennepplanten met een gemiddelde hoogte van ongeveer 60 centimeter. In kweekruimte B stonden 457 potten met aarde, hierin stonden 457 hennepplanten met een gemiddelde hoogte van ongeveer 30 centimeter.
De stroomvoorziening van de kwekerij is onderzocht door een medewerker van een energiebedrijf. Hierbij werd geconstateerd dat de stroomvoorziening ten behoeve van de kwekerij illegaal werd afgenomen. Het bleek dat voor de meter om elektriciteit werd afgenomen.
Deze verklaring houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
In de hennepplantage die is aangetroffen in het pand aan de [a-straat 1] te Cruquius, heb ik in februari 2010 hennepplanten geknipt. Ik ben twee keer in de hennepplantage geweest. Toen ik daar was waren daar meerdere mensen aanwezig. Ik ben daar in het bijzijn van de verdachte aanwezig geweest. Ik heb twee achtereenvolgende dagen hennep geknipt in de plantage. Op uw vraag hoe ik wist in welk pand de hennepplantage was gevestigd, antwoord ik dat ik door iemand in een auto ben opgehaald en met die persoon ben meegereden naar het betreffende pand.
Ik ben de persoon geweest over wie de getuige [getuige] ter huidige terechtzitting heeft verklaard dat hij, door hem is opgehaald en met de auto naar het pand aan de [a-straat 1] te Cruquis, is gereden. Ik was de bestuurder van die auto. Twee weken nadat ik de hennepplanten in het pand had geknipt ben ik teruggeweest bij het pand.
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als mededeling van de verbalisant/verbalisanten (of één of meer van hen):
Wij verbalisanten hebben het op cd-rom vastgelegde beeldmateriaal bekeken. Met betrekking tot het bedrijfspand [a-straat 1] bleek het volgende.
Op 6 februari 2010 om 16.59.55 uur komt een man uit de loods, doet de deur op slot en stapt als bestuurder in een Volkswagen Jetta. Deze man herkennen wij als zijnde [verdachte].
Op 7 februari 2010 om 8.55.03 uur komt een Volkswagen Jetta aangereden. Twee mannen stappen uit de auto. Man 1 draagt een crèmekleurige jas, man 2 draagt een zwarte jas. Man 1 maakt de deur van het bedrijfspand open. Beide mannen gaan het bedrijfspand in. De Volkswagen rijdt weg, de bestuurder is de enige inzittende van de auto. Op de foto 8.55.32 stapt de bestuurder uit de auto en zegt iets tegen de 2 personen bij de loods. Wij, verbalisanten, herkennen deze persoon als zijnde [verdachte]. Op de foto 8.57.48 uur komt de Volkswagen Jetta terug en rijdt achteruit de loods in. In de Volkswagen zitten meerdere personen.
Op 6 maart 2010 om 11.52.44 uur komt een man aangelopen en hij opent de deur van het bedrijfspand. De man gaat het bedrijfspand in. Om 12.31.10 komt de man het bedrijfspand uit en loopt weg. Via de reflectie in de ruiten is te zien dat de man in een voertuig stapt. De man herkennen wij, verbalisanten, als zijnde [verdachte].
Deze aangifte houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Adres: [a-straat 1] te Cruquius. Liander N.V. heeft vanaf 7 september 2009 een overeenkomst betreffende aansluiting en transport van elektriciteit naar voornoemd perceel. Op 24 maart 2010 is door een fraudespecialist van Liander N.V. een onderzoek ingesteld naar de aansluiting, waaronder de meetinrichting die eigendom is van Liander N.V. en die zich bevindt in voornoemd perceel. De fraudespecialist zag dat op de toevoerleiding voor de hoofdaansluitkast een illegale aansluiting was gemaakt. Hij zag namelijk dat de kabel was onderbroken en dat er een extra aansluiting was gemaakt. Voorts zag hij dat deze aansluiting buiten de elektriciteitsmeter om liep naar de hennepplantage en deze van elektriciteit voorzag. Door de manipulatie werd de afgenomen elektriciteit ten behoeve van de hennepplantage niet via de elektriciteitsmeter geregistreerd. Niemand is gerechtigd de elektriciteit, zijnde eigendom van Liander N.V. op deze wijze weg te nemen en zich toe te eigenen.
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 24 juni 2010 tegenover de verbalisant afgelegde verklaring van de aangever [betrokkene 2]:
Ik. [betrokkene 2], doe namens [A] B.V. aangifte van vernieling van het bedrijfspand [a-straat 1] te Cruquius. Ik ben gemachtigd door [A] B.V. om aangifte te doen. Het goed, dat mij geheel in eigendom toebehoort is zonder enig recht of toestemming beschadigd. Ik ben naar de [a-straat 1] te Cruquius gereden en zag daar dat de gehele begane grond verbouwd was tot een ruimte met twee grote kamers en een kleine kamer. De muren waren opgetrokken met kalksteenblokken. Er zijn in het plafond naar de eerste verdieping toe, ongeveer negen gaten geboord met een doorsnede van ongeveer 30 à 40 centimeter. In het plafond op de eerste verdieping zijn dezelfde gaten geboord. In het hele pand is de c.v.- installatie verwijderd, alle buizen en verwarmingselementen zijn verwijderd. Alle elektra in liet hele pand is doorgeknipt. Op de begane grond is het hele systeemplafond verwijderd.”
Het hof overweegt en beslist als volgt. Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdachte verklaard dat hij door een persoon genaamd [betrokkene 3] is benaderd om hennepplanten te knippen en dat hij hiermee heeft ingestemd. Voorts houdt zijn verklaring in dat hij een sms-bericht heeft ontvangen met het adres van het pand aan de [a-straat 1] en dat hij zelf in een auto naar dit pand is gereden. Hij heeft twee dagen in het pand hennepplanten geknipt en is daarna nog een keer teruggeweest om zijn jas op te halen, maar heeft overigens geen betrokkenheid bij de hennepplantage, aldus de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep.
“SUBSIDIAIRMocht u het binnentreden wel rechtmatig achten dan heeft cliënt in de hoedanigheid heeft gehandeld als 'knipper' van de hennepplanten en in die zin alleen 'het opzettelijk aanwezig hebben van hennep' verweten kan worden. Voor de overige tenlastegelegde feiten, de diefstal en de vernieling van het bedrijfspand, zal de verdediging vrijspraak vragen wegens gebrek aan bewijs.
INHOUDZojuist, terechtzitting, heeft cliënt hierover nader verklaart over welke rol hij heeft gespeeld. Cliënt ontkent niet dat hij niet in het bedrijfspand in Cruquius is geweest. Hij ontkent echter wel een aandeel te hebben gehad in de winst: cliënt zou uitbetaald worden als knipper, dit loon zou zijn enige vorm van financieel voordeel geweest.
FEIT 1Naar aanleiding van het bovengenoemde stelt de verdediging zich op het standpunt dat in cliënt zijn geval met betrekking tot feit 1 alleen sprake kan zijn (van het medeplegen) van het opzettelijk aanwezig hebben van 918 hennepplanten. Cliënt heeft alleen de hennepplanten geknipt. De verdediging wijst hierbij op het arrest van het Gerechtshof te Den Bosch waarin is bepaalt dat knippen van hennep valt onder 'het aanwezig hebben van hennep'.9 In die zin staat het knippen los de hennepproductie en kan zij niet worden geschaard onder 'het telen van hennep'.(…)FEIT 2 en 3De verdediging brengt Uw Gerechtshof, het arrest van het Gerechtshof Leeuwarden van 24 december 2010 onder aandacht met betrekking tot (het medeplegen van) de diefstal van stroom (elektriciteit). Het gerechtshof bepaalt ten aanzien hiervan dat enkel de wetenschap van de aanwezigheid van de hennepkwekerij onvoldoende is om diefstal van stroom te bewijzen.15 Cliënt had wellicht kunnen weten dat er stroom werd afgetapt - alhoewel dit niet blijkt uit het dossier - maar die wetenschap maakt hem niet medeplichtig aan de diefstal. Er is verder ook geen bewijs dat cliënt bij de diefstal betrokken was. Verdediging verzoekt daarom cliënt vrij te spreken voor het tenlastegelegde onder feit 2.Hetzelfde geldt ook voor feit 3. Er is geen enkel bewijs in het dossier dat cliënt in de hoedanigheid van knipper ook heeft meegeholpen aan de vernieling en/of beschadiging van het bedrijfspand aan de [a-straat 1]. Deze veranderingen aan het bedrijfspand zijn begrijpelijkerwijs tijdens het opstarten van hennepteelt aangebracht, er is geen enkel bewijs dat cliënt hierbij betrokken is geweest.
4 ld. samen met medeverdachte [verdachte].
5 ld. samen met medeverdachten [verdachte]
6 ld. p. 3, [verdachte] wordt op zaterdag 6 maart 2010 nog waargenomen bij het bedrijfspand.
8 Rapport Berekening wederechte lijk verkregen voordeel hennepkwekerij, 18 augustus 2010, p.6-7 (waar uitgegaan wordt van tweede teeltperiode wat aanvangt op 1 december 2009. Gemiddeld bloeitijd - afhankelijk van het soort hennep - is 9 weken zie http://cannabiszaden.wordpress.com/2008/07/02/wat-is-het-verschil-tussen-indica-en-sativa).
9 Gerechtshof Den Bosch, 13 februari 2008, LJN: BC5429, waarin het hof overweegt dat het 'aanwezig hebben geen enkele zeggenschap over de hennep met zich brengt en dat aanwezig hebben ook nog slechts bestaat uit het gedurende enkele uren onder zich hebben om één en ander in opdracht van een ander voor verder bewerking gereed te maken'.
10 ld." Rechtbank Haarlem, 31 juli 2007, LJN: BB 1982.
12 Rechtbank Arnhem, 26 januari 2009, LJN: BH0785.
13 Rechtbank Utrecht, 11 juni 2008, LJN: BE9144.
14 Rechtbank Groningen, 14 april 2008, LJN: BC9492.
15 Gerechtshof Leeuwarden, 24 december 2010, LJN: BQ8954 en N08952.”
eerste middelklaagt dat de bewezenverklaring onvoldoende gemotiveerd is althans dat het hof het ter zitting gevoerde verweer dat de verdachte alleen planten heeft geknipt onvoldoende gemotiveerd heeft weerlegd.
tweede middelklaagt dat de bewezenverklaring van feit 3 niet uit de door het hof gebezigde bewijsmiddelen kan volgen.