Conclusie
eerste middelklaagt over de verwerping van het verweer dat de verklaringen van getuige/aangever [betrokkene] (wegens onbetrouwbaarheid) niet bruikbaar zijn voor het bewijs.
“Bewijsverweren en nadere bewijsoverwegingen
Het hof overweegt hieromtrent het volgende.
tweede middelklaagt dat de redelijke termijn in cassatie is geschonden nu het Hof de stukken van het geding niet binnen zes maanden na het instellen van beroep in cassatie naar de griffie van de Hoge Raad heeft gezonden. Dat zou dienen te leiden tot strafverlaging.
bij de Hoge Raad der Nederlanden