ECLI:NL:PHR:2013:536
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Nietigheid hoger beroep wegens niet tijdige dagvaarding en schorsingsverzuim
In deze zaak stond centraal of het Hof Amsterdam terecht het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep kon voortzetten nadat de dagvaarding niet tijdig was verzonden naar het door verdachte opgegeven adres. Verdachte had bij zijn eerste verhoor een adres opgegeven waar mededelingen over de strafzaak naartoe moesten worden gezonden. De dagvaarding werd echter pas kort voor de terechtzitting verzonden, waardoor de voorgeschreven termijn van tien dagen niet werd gerespecteerd.
Het Hof behandelde de zaak bij verstek en verklaarde verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep zonder het onderzoek te schorsen. Volgens de Hoge Raad had het Hof op grond van artikel 590 lid 3 Sv Pro het onderzoek moeten schorsen tenzij verdachte op de hoogte was of geen prijs stelde op berechting in zijn tegenwoordigheid. Dit onderzoek ontbrak, waardoor het onderzoek ter terechtzitting nietig is en de uitspraak moet worden vernietigd.
Het eerste middel van cassatie, gericht op het niet naleven van de verzendplicht en het niet schorsen van het onderzoek, wordt gegrond verklaard. Het tweede middel, dat klaagt over de niet-ontvankelijkverklaring van verdachte, behoeft geen bespreking. De Hoge Raad zal de bestreden uitspraak ambtshalve vernietigen en een passende beslissing nemen.
Uitkomst: Het arrest van het Hof wordt vernietigd wegens niet tijdige dagvaarding en het niet schorsen van het onderzoek, waardoor het hoger beroep nietig is.