ECLI:NL:PHR:2013:68
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling voor aanmerkelijk onvoorzichtig rijden met zwaar lichamelijk letsel tot gevolg
Op 18 september 2009 veroorzaakte verdachte te Diemen een verkeersongeval waarbij een fietsster zwaar lichamelijk letsel opliep, waaronder gebroken ribben en een klaplong. Verdachte reed met een snelheid van ongeveer 46 km/u waar 30 km/u was toegestaan en reed op de weghelft bestemd voor tegemoetkomend verkeer, waardoor hij geen voorrang verleende aan de fietsster.
Het Gerechtshof Amsterdam bevestigde het vonnis van de Rechtbank Amsterdam, waarbij verdachte werd veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur, subsidiair 60 dagen vervangende hechtenis, en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor twaalf maanden, waarvan acht maanden voorwaardelijk. Namens verdachte werd cassatie ingesteld met het middel dat uit de bewijsmiddelen niet kon worden afgeleid dat verdachte zich aanmerkelijk onvoorzichtig had gedragen.
De Hoge Raad oordeelde dat uit de bewijsmiddelen, waaronder de snelheidsovertreding, het rijden op de verkeerde weghelft en het niet verlenen van voorrang op een onoverzichtelijke kruising, wel degelijk aanmerkelijke onvoorzichtigheid kan worden afgeleid. Het middel faalt en het cassatieberoep wordt verworpen. De zaak biedt volgens de Procureur-Generaal ruimte voor rechtsontwikkeling omtrent het vereiste van aanmerkelijkheid van schuld.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling van verdachte voor aanmerkelijk onvoorzichtig rijden met zwaar lichamelijk letsel tot gevolg.