Conclusie
eerste middel, gelezen in samenhang met de toelichting daarop, klaagt over de verwerping door het Hof van het door de verdediging gevoerde “Salduz-verweer”, voor zover inhoudende dat ook alle door verzoeker na consultatie van zijn raadsman afgelegde verklaringen van het bewijs moeten worden uitgesloten.
tweede middel, gelezen in samenhang met de toelichting daarop, klaagt dat de bewezenverklaring, - naar ik begrijp - voor zover het de betrokkenheid van verzoeker betreft, niet kan volgen uit ’s Hofs bewijsvoering.
aangever [betrokkene 2](p. 111 ev):
[betrokkene 1](p.140 ev):
Nadere bewijsoverweging
(i) de woning aan de [a-straat] te ’s-Gravenhage door de schoonzus van de bewoner op 9 juli 2008 om 11:30 uur volledig is afgesloten;
waarbij het horloge zou zijn weggenomenetc., niet onderbouwd en onaannemelijk is. Gelet op de door het Hof genoemde feiten en omstandigheden meen ik dat dit oordeel stand kan houden. Daarbij neem ik in het bijzonder in aanmerking dat het uit de woning weggenomen horloge onder de stoelhoes van de bestuurdersstoel is gevonden en dat verzoeker en zijn medeverdachten geen aannemelijke verklaring hebben afgelegd voor hun aanwezigheid ter plaatse. Dat eerst twee dagen na de inbraak in een kelderbox bij medeverdachte [betrokkene 4] een tas met schroevendraaiers en een breekijzer is aangetroffen en dat zeer waarschijnlijk met één van die schroevendraaiers het kamerraam van de woning is geforceerd, zou er inderdaad op kunnen duiden dat de braak zelf eerder op de avond heeft plaatsgevonden. [2] Maar dat toen ook al het horloge zou zijn weggenomen, is naar mijn mening niet aannemelijk. Waarom zouden in dat geval de verdachten wel het inbrekersgereedschap hebben weggeborgen en niet ook al meteen het horloge? Wel acht ik in dat scenario aannemelijk dat de verdachten, alvorens tot de diefstal over te gaan, de schroevendraaier in de kelderbox hebben verborgen. Mogelijk is ook dat dit door een onbekende ander is gedaan. [3] Weliswaar blijkt uit de verwerping door het Hof van de voorwaardelijk gedane getuigenverzoeken van de verdediging dat het Hof de inhoud van de NN-melding op 10 juli 2008 omstreeks 00.35 uur niet in zijn overwegingen zal betrekken [4] , maar dat neemt niet weg dat op dat tijdstip een melding met betrekking tot de [a-straat] te ’s-Gravenhage is gedaan en dat blijkens zijn bewijsoverweging het Hof van dat gegeven is uitgegaan. Op grond van het voorgaande, waarbij ik mede betrek de korte tijdspanne tussen de NN-melding en het aantreffen van verzoeker en zijn twee medeverdachten in een geparkeerde auto, waarin zich het weggenomen horloge bevond, vlakbij de bedoelde woning zonder dat zij voor hun aanwezigheid op die plek midden in de nacht een aannemelijke verklaring hebben kunnen geven, meen ik dat de bewezenverklaring genoegzaam uit de door het Hof gebezigde bewijsmiddelen volgt en dat de bewezenverklaring naar de eis der wet voldoende met redenen is omkleed.