ECLI:NL:PHR:2013:966

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
17 september 2013
Publicatiedatum
15 oktober 2013
Zaaknummer
11/05124
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging arrest wegens onjuist verleend verstek in hoger beroep door detentie verdachte

In deze zaak is het cassatieberoep van de verdachte behandeld waarbij het hof verstek verleende omdat de verdachte niet aanwezig was bij de behandeling van zijn zaak in hoger beroep. De verdachte was echter op dat moment uit anderen hoofde gedetineerd en kon daardoor niet verschijnen. Dit blijkt uit betrouwbare politiegegevens waaruit blijkt dat de verdachte op de dag van de terechtzitting in hoger beroep in hechtenis was.

De Hoge Raad stelt vast dat het verstek verlenen achteraf onjuist was, omdat de verdachte niet vrijwillig afzag van zijn recht om aanwezig te zijn bij de zitting. Gezien het grote belang van de verdachte om bij de behandeling aanwezig te zijn, acht de Hoge Raad het noodzakelijk dat de zaak opnieuw wordt behandeld in zijn tegenwoordigheid.

Daarom vernietigt de Hoge Raad het bestreden arrest en wijst de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag om het hoger beroep opnieuw te behandelen en af te doen. Dit oordeel sluit aan bij eerdere jurisprudentie waarin het belang van aanwezigheid van de verdachte bij de behandeling wordt benadrukt.

Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling in aanwezigheid van de verdachte.

Conclusie

Nr. 11/05124
mr. Jörg
Zitting 17 september 2013
Aanvullende conclusie inzake
[verdachte]
1. Op 27 augustus 2013 concludeerde ik tot verwerping van het cassatieberoep aangezien het aan de schriftuur gehechte faxbericht niet duidelijk maakte op welk tijdstip de verdachte van overheidswege van zijn vrijheid was beroofd.
2. Aan de op 10 september jongstleden binnengekomen Borgersbrief is een tweetal schermuitdraaien van het geautomatiseerde systeem van de politie gehecht, uit de map "Handhaving, arrestant algemeen". Daaruit blijkt dat de verdachte, die gesignaleerd stond, op de dag van de terechtzitting, 17 november 2011 om 01.55 uur is aangekomen op het politiebureau en om 15.27 uur is overgedragen aan de penitentiaire inrichting Middelburg.
3. Aangezien onwaarschijnlijk is dat iemand zich vrijwillig om 01.55 uur voor het ondergaan van gevangenisstraf op een politiebureau meldt ga ik ervan uit dat de vrijheidsberoving onvrijwillig was en niet een keuze van de verdachte liever zijn straf uit te zitten dan ter terechtzitting te verschijnen.
4. Uit de inhoud van de hiervoor onder 2 weergegeven stukken - aan de herkomst en betrouwbaarheid waarvan in redelijkheid niet kan worden getwijfeld - moet worden afgeleid dat de verdachte ten tijde van de behandeling van zijn zaak in hoger beroep uit anderen hoofde was gedetineerd, zodat de beslissing van het Hof om verstek tegen de verdachte te verlenen, achteraf bezien, onjuist was. [1]
5. In aanmerking genomen het grote belang van de verdachte om bij de behandeling van zijn zaak aanwezig te zijn, brengt het vorenoverwogene mee dat de verdachte de mogelijkheid dient te hebben om zijn zaak alsnog in hoger beroep in zijn tegenwoordigheid te doen behandelen. Dit brengt mee dat het bestreden arrest moet worden vernietigd en dat de zaak moet worden teruggewezen opdat deze op het bestaande beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
6. Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Den Haag teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
Waarnemend A-G

Voetnoten

1.Een kleine variatie op HR 21 december 2010, ECLI:NL:HR:2010:BO2974 aangezien het Hof van een inhoudelijke behandeling heeft afgezien.