ECLI:NL:PHR:2013:BY6165
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitleg van prepensioenpremieverplichting in bedrijfstakpensioenfondsprotocol
In deze zaak staat de uitleg centraal van het 'Protocol Onderhandelingsaccoord' tussen werkgevers en werknemers in het beroepsgoederenvervoer over de invoering van een prepensioenregeling per 1 januari 2002. Het Prepensioenfonds vorderde betaling van premies over de periode 1 januari 2002 tot 20 februari 2003, terwijl werkgevers dit betwistten en terugbetaling eisten.
De kantonrechter oordeelde dat het protocol als cao bindend was en dat werkgevers gehouden waren premies te betalen vanaf 1 januari 2002. Het hof vernietigde dit vonnis en stelde dat pas vanaf 20 februari 2003, na wettelijke verplichtstelling, premies verschuldigd waren. Het hof baseerde dit op de uitleg dat de bedrijfstakheffing pas vanaf die datum verplicht was.
De Hoge Raad stelt dat het hof onbegrijpelijk heeft geoordeeld. Uit het protocol volgt duidelijk dat de prepensioenregeling en daarmee de premiebetaling per 1 januari 2002 ingaat. De uitleg van het hof leidt tot een ongerijmd resultaat en miskent de objectieve uitlegmethode die geldt bij cao-achtige overeenkomsten. De zaak wordt vernietigd en verwezen voor verdere behandeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor verdere behandeling.