5. De in het middel onder 2 t/m 10 vervatte motiveringsklachten richten zich tegen (i). In de daarbij besproken grieven hebben [eiser] c.s., volgens de daaraan door het hof gegeven en in cassatie niet bestreden uitleg, aangevoerd dat zolang niet vaststaat dat er in mei 2008 sprake was van een bedrijfsmatige hennepteelt met enkele honderden planten en dat zij in september 2009 inderdaad zeven (althans meer dan vier) hennepplanten in het achterthuis hadden staan, niet is komen vast te staan dat er sprake is van een (herhaalde) tekortkoming (rov. 4.3, vierde volzin). Het hof heeft dit betoog verworpen. De motivering daarvan is te vinden in rov. 4.3.1 t/m 4.6, welke zich als volgt laat samenvatten:
- (rov. 4.3.1) In mei 2008 was in ieder geval sprake van een substantiële hennepkweek, althans van een meer dan hobbymatige kweek. [Eiser] c.s. hebben immers erkend althans onvoldoende gemotiveerd betwist dat in mei 2008 een hennepkwekerij in de woning is aangetroffen, en het aantal aanwezige planten slechts bloot ontkend;
- (rov. 4.3.2) [Eiser] c.s. hebben de stelling dat het mutatierapport van de politie van 16 september 2009 ontoereikend en niet objectief zou zijn, niet gemotiveerd. In dit rapport is duidelijk te lezen dat zeven hennepplanten in de tuin van het gehuurde zijn aangetroffen. Of drie van de zeven hennepplanten aan [eiser] c.s. toebehoorden kan in het midden blijven, omdat:
- (rov. 4.4) de tekst van artikel 6.7 van de algemene voorwaarden (behorende bij de huurovereenkomst) het kweken van hennep zonder meer verbiedt, zonder onderscheid te maken tussen teelt en bedrijfsmatige of professionele teelt, waarbij [eiser] c.s. niets hebben aangevoerd op grond waarvan aan deze bepaling een beperktere strekking zou moeten worden toegekend;
- (rov. 4.4.1) ook indien slechts vier van de zeven in september 2009 aangetroffen hennepplanten aan [eiser] c.s. zouden toebehoren, er nog steeds sprake is van een tekortkoming in de nakoming van het in artikel 6.7 algemene voorwaarden opgenomen verbod, welke als serieus valt aan te merken tegen de achtergrond van hetgeen is voorgevallen in mei 2008. Maasvallei heeft na de ontdekking van de eerste kwekerij bij brief van 8 mei 2008 in glasheldere bewoordingen te kennen gegeven een eerstvolgende herhaling van hennepteelt te zullen sanctioneren met een onmiddellijke ontruimingsprocedure;
- (rov. 4.5) [Eiser]s c.s. niet of onvoldoende hebben betwist deze brief te hebben ontvangen doch slechts betwist dat de brief in aangetekende vorm is verzonden. Niet alleen in deze brief werd gewaarschuwd voor de gevolgen van hennepteelt, ook in artikel 6.7 algemene voorwaarden - dus volgens afspraak - heeft tussen partijen te gelden dat hennepteelt een tekortkoming oplevert. Voorts is algemeen bekend dat corporaties als Woonvallei de laatste jaren een zeer streng ontmoedigingsbeleid voeren (en ook mogen voeren). De stelling van [eiser] c.s. dat zij met een en ander onvoldoende bekend waren, gaat dus niet op.
- (rov. 4.6) Reeds op grond van deze herhaalde, niet als van geringe ernst of betekenis aan te merken, tekortkoming van [eiser] c.s. moet worden aangenomen dat [eiser] c.s. zich niet als een goed huurder hebben gedragen. De omstandigheid dat [eiser] c.s. niet strafrechtelijk zijn vervolgd betekent nog niet dat er huurrechtelijk gezien geen sprake is van onbetamelijk huurdersgedrag.