ECLI:NL:PHR:2013:BY9000
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beschikking wegens onjuiste maatstaf bij oproeping betrokkene in raadkamer
In deze zaak heeft de Rechtbank Rotterdam op 30 augustus 2011 verlof verleend op grond van art. 552p Sv. De betrokkene, vertegenwoordigd door mr. Y. Taekema, stelde cassatiemiddel voor tegen de beslissing dat het oproepen van betrokkene voor het onderzoek in raadkamer achterwege kon blijven omdat het belang van het onderzoek ernstig geschaad zou kunnen worden.
De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank een onjuiste maatstaf heeft toegepast. Volgens art. 23 lid 5 Sv Pro is de maatstaf dat het onderzoek ernstig wordt geschaad, niet dat het ernstig geschaad kan worden. Dit verschil is van wezenlijk belang voor de toepassing van de uitzonderingsbepalingen in art. 23 Sv Pro.
De conclusie van de Procureur-Generaal is dat het middel gegrond is en dat de bestreden beschikking dient te worden vernietigd. De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor herbehandeling en afdoening op de bestaande vordering.
Er zijn geen ambtshalve gronden gevonden om de beschikking te handhaven. De zaak betreft een belangrijke interpretatie van de procedurele waarborgen rond het horen van betrokkene in raadkameronderzoek.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking wegens onjuiste maatstaf en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof.