ECLI:NL:PHR:2013:BZ1134
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep inzake toelating wettelijke schuldsaneringsregeling
Verzoekster tot cassatie heeft bij de rechtbank te 's-Hertogenbosch een verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling ingediend. Dit verzoek werd niet-ontvankelijk verklaard omdat zij niet de vereiste gegevens aanleverde zoals bedoeld in artikel 285 lid 1 van Pro de Faillissementswet, ondanks daartoe gegeven gelegenheid.
In het hoger beroep bij het hof te 's-Hertogenbosch werd het verzoek eveneens niet-ontvankelijk verklaard. Het hof baseerde dit op meerdere gronden: het hoger beroep was te laat ingesteld en het verzoek voldeed niet aan de vereisten van artikel 285 Faillissementswet Pro, waaronder het ontbreken van een verklaring over het minnelijke traject en een toelichting op het ontstaan van de schulden.
Verzoekster stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof. De Hoge Raad oordeelde dat het cassatieberoep niet ontvankelijk is op grond van artikel 80a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, omdat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden. De niet-ontvankelijkheid van het verzoek blijft gehandhaafd, met name vanwege het ontbreken van de vereiste gegevens. Tevens is vermeld dat tegen de niet-ontvankelijkheidsbeslissing van de rechtbank geen hoger beroep openstaat.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van vereiste gegevens en het te laat instellen van het hoger beroep.