ECLI:NL:PHR:2013:BZ3749
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over leemte en misleiding in KoersPlanovereenkomsten inzake overlijdensrisicopremie
Deze zaak betreft geschillen over KoersPlanovereenkomsten die tussen 1989 en 1998 door Spaarbeleg (rechtsvoorganger van Aegon) zijn afgesloten. De kern van het geschil is of er sprake was van wilsovereenstemming over het inhouden en de hoogte van de premie voor een overlijdensrisicoverzekering op de inleg van deelnemers.
De rechtbank en het hof oordeelden dat er wel een contractuele grondslag was voor het inhouden van een overlijdensrisicopremie, maar dat de hoogte daarvan niet duidelijk was vastgelegd en niet kenbaar was voor de deelnemers. Hierdoor ontbrak wilsovereenstemming over de premiehoogte. De Hoge Raad bevestigt dat de leemte in de overeenkomst moet worden aangevuld op grond van redelijkheid en billijkheid (art. 6:248 lid 1 BW Pro). Daarbij wordt een redelijke premie vastgesteld, gebaseerd op een vergelijking met premies van zelfstandige overlijdensrisicoverzekeringen.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat Aegon zich schuldig heeft gemaakt aan misleiding door onvoldoende en onjuiste informatie te verstrekken over de overlijdensrisicopremie, wat van materieel belang was voor de beleggingsbeslissing van de maatman-belegger. Het beroep van Aegon op verjaring wordt verworpen, mede omdat de deelnemers niet tijdig en voldoende geïnformeerd waren om tijdig te protesteren.
De Hoge Raad vernietigt de eerdere vonnissen en doet opnieuw recht, waarbij de premies worden herberekend en Aegon wordt veroordeeld tot nakoming en vergoeding van kosten. De uitspraak benadrukt het belang van transparantie en redelijkheid in beleggingsverzekeringen en bevestigt de toepassing van de Haviltex-maatstaf bij uitleg van overeenkomsten met leemtes.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat er geen wilsovereenstemming bestond over de overlijdensrisicopremie, vult de leemte in met een redelijke premie en veroordeelt Aegon tot nakoming en vergoeding van kosten.