ECLI:NL:PHR:2013:BZ4156
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging onderhuurovereenkomst bedrijfsruimte na belangenafweging
Deze zaak betreft de beëindiging van een onderhuurovereenkomst van bedrijfsruimte tussen het Filmmuseum en Vertigo B.V. Het Filmmuseum had de huur opgezegd wegens een voorgenomen verhuizing en het dringend eigen gebruik van het pand, waarna Vertigo zich verzette tegen de opzegging.
De kantonrechter wees de vordering van het Filmmuseum toe, wat door Vertigo in hoger beroep werd aangevochten. Het gerechtshof verwierp het beroep van Vertigo en bevestigde de beëindiging van de onderhuur. Vertigo kwam vervolgens in cassatie bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat de belangenafweging die het hof maakte niet onbegrijpelijk was en dat het Filmmuseum gerechtigd was de overeenkomst te beëindigen. De rol van de gemeente en de nauwe banden met het Filmmuseum werden meegewogen, maar de belangen van Vertigo waren onvoldoende onderbouwd om de beëindiging tegen te houden. De cassatie werd verworpen, waarmee het arrest van het hof in stand bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp de cassatie en bevestigde de beëindiging van de onderhuurovereenkomst met ontruiming per 31 december 2011.