ECLI:NL:PHR:2013:BZ5407
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vaststelling juiste maatstaf bij beslag en teruggave van eigendom volgens art. 94a Sv
In deze zaak stond de beoordeling centraal van een klaagschrift tegen het uitblijven van teruggave van een inbeslaggenomen personenauto die eigendom is van een derde, niet-verdachte. Het hof had het klaagschrift ongegrond verklaard omdat het belang van strafvordering zich zou verzetten tegen teruggave zolang de ontnemingsprocedure nog niet onherroepelijk was.
De Hoge Raad herhaalt de maatstaf uit eerdere jurisprudentie dat wanneer een derde eigenaar is van het in beslag genomen voorwerp, de rechter moet vaststellen of dit buiten redelijke twijfel vaststaat. Indien dat het geval is, moet het voorwerp worden teruggegeven tenzij de uitzonderingen van art. 94a lid 3 of 4 Sv zich voordoen.
De Hoge Raad concludeert dat het hof een onjuiste maatstaf heeft toegepast door het belang van strafvordering te laten prevaleren zonder eerst te toetsen of de klager als eigenaar kon worden aangemerkt. De zaak wordt vernietigd en verwezen voor hernieuwde beoordeling volgens de juiste maatstaf.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het vonnis en verwijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling volgens de juiste maatstaf voor teruggave van beslag.