ECLI:NL:PHR:2013:BZ5671
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens boedelachterstand en tekortkomingen in nakoming verplichtingen
De schuldsaneringsregeling van eiser werd bij vonnis van de rechtbank Den Haag van 13 april 2010 van toepassing verklaard. Na afwijzing van een verzoek tot tussentijdse beëindiging in mei 2011, beëindigde de rechtbank de regeling op 12 oktober 2012 wegens boedelachterstand, het ontstaan van nieuwe schulden en schending van informatieverplichtingen.
Eiser ging in hoger beroep en verzocht verlenging van de regeling om de boedelachterstand in te lopen, waarbij hij stelde dat hij zich inspande en een oplossing had aangedragen. Het hof bekrachtigde het vonnis en oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt de achterstand binnen redelijke termijn te kunnen inlopen. De verkeersboetes die tijdens het werk als taxichauffeur ontstonden en door de werkgever op de boedelbijdrage werden ingehouden, leidden tot een lagere afdracht, wat als tekortkoming werd aangemerkt.
De Hoge Raad overwoog dat van schuldenaren in de schuldsanering mag worden verwacht dat zij zich maximaal inspannen om aan verplichtingen te voldoen. Het hof had terecht geoordeeld dat het gedrag van eiser, dat leidde tot een verminderde boedelafdracht, een tekortkoming vormde. Ook de niet nagekomen informatieverplichting en het bestaan van nieuwe schulden waren terecht meegewogen. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens boedelachterstand en tekortkomingen in nakoming verplichtingen.