ECLI:NL:PHR:2013:BZ5675
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing financieringsvoorbehoud en behandelt boetebeding en schadevergoeding bij koop gehuurde woning
In deze zaak ging het om de koop door eisers van een woning die zij aanvankelijk van verweerder huurden. Na het tekenen van een koopovereenkomst zonder financieringsvoorbehoud, slaagden eisers er niet in de financiering rond te krijgen. Verweerder stelde hen in gebreke en vorderde betaling van een boete en schadevergoeding wegens gebreken aan de woning.
De kantonrechter veroordeelde eisers tot betaling van schade en boete, welke uitspraak in hoger beroep deels werd vernietigd. De Hoge Raad behandelde onder meer de vraag of de wettelijke rente over de boete vanaf de ingebrekestelling verschuldigd was, of er sprake was van een financieringsvoorbehoud, en of het hof het recht op pleidooi had geschonden.
De Hoge Raad bevestigde dat de wettelijke rente over de boete vanaf de ingebrekestelling verschuldigd is, wees het verweer van eisers af dat er een financieringsvoorbehoud zou gelden, en oordeelde dat het hof het recht op pleidooi niet had geschonden. Tevens werd de schadebegroting, ondanks bezwaren over mogelijke belangenverstrengeling, als redelijk beoordeeld.
Uitkomst: Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat geen financieringsvoorbehoud geldt en dat wettelijke rente over de boete vanaf ingebrekestelling verschuldigd is.