ECLI:NL:PHR:2013:BZ7143
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt betrouwbaarheid van getuigenverklaringen bij doodslag ondanks inconsistenties en beperkte waarnemingsmogelijkheden
In deze zaak stond de vraag centraal of de getuigenverklaringen over het uit het raam gooien van het slachtoffer door verdachte betrouwbaar waren. De verdediging stelde dat de verklaringen onbetrouwbaar en onbruikbaar waren vanwege inconsistenties, het beperkte zicht vanuit de posities van de getuigen, en het gebruik van verdovende middelen door de getuigen tijdens het incident.
Het hof Arnhem had verdachte veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf wegens doodslag. Het hof had de verklaringen van de drie getuigen als kerncongruent, geloofwaardig en betrouwbaar beoordeeld, ondanks verschillen in details en het feit dat de getuigen onder invloed waren. Het hof had daarbij ook rekening gehouden met een reconstructie die ter zitting was vertoond.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof voldoende redenen heeft gegeven voor de niet-aanvaarding van het verweer dat de getuigen het incident niet goed konden waarnemen. Het feit dat het hof de beelden van de reconstructie heeft gezien en de verklaringen in samenhang heeft beoordeeld, maakt het oordeel begrijpelijk en gemotiveerd.
Het cassatiemiddel faalt, en de Hoge Raad verwerpt het beroep. Er zijn geen ambtshalve gronden voor vernietiging van het arrest. Daarmee blijft de veroordeling van verdachte wegens doodslag in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling wegens doodslag blijft in stand.