ECLI:NL:PHR:2013:BZ7172
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt beschikking inzake motiveringsklacht over beslag op gestolen auto
In deze zaak gaat het om een beklag tegen het beslag op een personenauto die op 8 juni 2011 gestolen was. Klaagster stelde eigenaar te zijn van de auto, maar de rechtbank oordeelde dat de overdracht niet geldig was omdat de verkoper niet bevoegd was de auto te verkopen. De rechtbank vond dat klaagster niet te goeder trouw was omdat zij de identiteit van de verkoper niet had geverifieerd en niet aan haar wegwijsplicht had voldaan.
Klaagster stelde dat zij het rijbewijs van de verkoper had vergeleken met het kentekenbewijs en dat de gegevens overeenkwamen. De rechtbank liet echter onduidelijk of zij deze feiten niet aannemelijk achtte of dat zij vond dat deze feiten geen goede trouw opleverden. Ook liet de rechtbank na te beoordelen of aan de wegwijsplicht was voldaan volgens artikel 3:87 lid 1 BW Pro.
De Hoge Raad oordeelt dat de motivering van de rechtbank onvoldoende is en dat het oordeel over de goede trouw en de wegwijsplicht niet begrijpelijk is. Daarom vernietigt de Hoge Raad de beschikking en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor een nieuwe behandeling van het beklag op basis van de bestaande stukken.
De zaak illustreert de toepassing van de artikelen 3:84, 3:86 en 3:87 BW omtrent de geldigheid van overdracht van goederen en de bescherming van verkrijgers te goeder trouw in het kader van beslaglegging op een gestolen voertuig.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof voor herbehandeling van het beklag.