ECLI:NL:PHR:2014:1827
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Conclusie Procureur-Generaal inzake niet-ontvankelijkheid cassatieberoep na tenuitvoerlegging voorwaardelijke straf
Het cassatieberoep betreft een beslissing van het Gerechtshof Amsterdam van 18 oktober 2013 over de tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde straf. De Procureur-Generaal stelt dat het beroep tijdig is ingediend, maar dat het middel faalt omdat de rechter niet verplicht is om zijn beslissing tot tenuitvoerlegging nader te motiveren indien aan de wettelijke voorwaarden is voldaan.
De conclusie is dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk moet worden verklaard omdat de middelen klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden. Dit betekent dat de Hoge Raad het beroep niet inhoudelijk zal behandelen.
Deze conclusie is gebaseerd op de interpretatie van artikel 80a van het Wetboek van Strafvordering en de jurisprudentie omtrent de tenuitvoerlegging van voorwaardelijke straffen. De Procureur-Generaal adviseert de Hoge Raad om het cassatieberoep af te wijzen wegens niet-ontvankelijkheid.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege het voldoen aan de wettelijke voorwaarden voor tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straf.