ECLI:NL:PHR:2014:1935
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens onvoldoende belang bij onjuiste bewezenverklaring ontvluchting vrijheidsberoving
Verdachte werd veroordeeld voor het zich onttrekken aan zijn vrijheidsberoving door te vluchten uit een transportbus op Curaçao tussen januari en september 2012. Het hof bevestigde het vonnis van de rechtbank, maar nam een onjuist onderdeel op in de bewezenverklaring, namelijk dat verdachte zich vervolgens verborgen zou hebben gehouden voor politie en justitie.
De Hoge Raad oordeelde dat dit onderdeel niet uit de bewijsmiddelen kon worden afgeleid en dat het daarom uit de bewezenverklaring geschrapt moest worden. Dit wijzigde echter niets aan de aard en ernst van het bewezenverklaarde feit volgens artikel 2:145 van Pro het Wetboek van Strafrecht Curaçao.
Omdat het schrappen van dit overbodige onderdeel geen nadelige gevolgen voor verdachte had, werd geoordeeld dat verdachte onvoldoende belang had bij cassatie. Daarom werd het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard.
De zaak betreft de strafrechtelijke beoordeling van het zich onttrekken aan vrijheidsberoving, waarbij de Hoge Raad het belang van een juiste bewezenverklaring benadrukt, maar ook het belang van de verdachte bij cassatie beoordeelt.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende belang bij de aangevoerde klacht.