ECLI:NL:PHR:2014:2353
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling zonder schone lei wegens toerekenbare tekortkoming sollicitatieplicht
De rechtbank Rotterdam heeft op 23 juli 2014 de schuldsaneringsregeling van verzoekster beëindigd zonder toekenning van een schone lei, omdat zij onvoldoende had gesolliciteerd. Dit vonnis is door het gerechtshof Den Haag op 23 oktober 2014 bekrachtigd. Het hof motiveerde dat verzoekster nagelaten had een vrijstelling van de sollicitatieplicht te verzoeken en dat haar psychische klachten onvoldoende aannemelijk waren om vrijstelling te rechtvaardigen. Tevens toonde zij onvoldoende actieve houding ondanks herhaalde waarschuwingen van de rechter-commissaris en bewindvoerder.
Verzoekster stelde cassatieberoep in met vier onderdelen, die allen werden verworpen. De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht had geoordeeld over de toerekenbaarheid van de tekortkoming en dat het vertrouwen van verzoekster op vrijstelling niet gerechtvaardigd was zonder rechterlijke ontheffing. Tevens was het aan verzoekster om bewijsstukken te overleggen ter onderbouwing van een vrijstelling. Het cassatieberoep faalde dan ook.
De Hoge Raad bevestigt hiermee dat het niet nakomen van de sollicitatieplicht, zonder geldige vrijstelling en ondanks waarschuwingen, een toerekenbare tekortkoming vormt die beëindiging van de schuldsaneringsregeling zonder schone lei rechtvaardigt.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de beëindiging van de schuldsaneringsregeling zonder schone lei wegens toerekenbare tekortkoming in de sollicitatieplicht.