ECLI:NL:PHR:2014:2751

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
2 december 2014
Publicatiedatum
22 januari 2015
Zaaknummer
13/04457
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 435 SvArt. 437 Sv
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens niet-tijdige indiening middelen

Het cassatieberoep van verdachte heeft betrekking op een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Hoewel het beroep in cassatie is ingesteld, is niet tijdig een schriftuur houdende de middelen van cassatie ingediend door een raadsman. De aanzegging van het cassatieberoep is op 12 augustus 2014 aan verdachte persoonlijk betekend en op 18 augustus 2014 aan zijn raadsman medegedeeld.

Volgens artikel 437 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering dient binnen twee maanden na de betekening van de aanzegging een schriftuur met middelen van cassatie te worden ingediend, op straffe van niet-ontvankelijkheid. Nu deze termijn niet is nageleefd, is verdachte niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep.

De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad strekt tot niet-ontvankelijkverklaring. Deze zaak hangt samen met andere zaken tegen medeverdachten waarin een soortgelijke conclusie is getrokken.

Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep wegens niet-tijdige indiening van de schriftuur met middelen van cassatie.

Conclusie

Nr. 13/04457
Zitting: 2 december 2014
Mr. Knigge
Conclusie inzake:
[verdachte]
1. Het beroep in cassatie van verdachte heeft betrekking op een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
2. Tegen deze uitspraak is namens verdachte cassatieberoep ingesteld. [1]
3. De aanzegging ingevolge art. 435, eerste lid, Sv is blijkens de akte van uitreiking op 12 augustus 2014 aan de verdachte in persoon betekend. Aan de raadsman van verdachte is op 18 augustus 2014 een mededeling van die betekening verzonden. Namens verdachte zijn geen middelen van cassatie voorgesteld.
4. Ingevolge art. 437 lid 2 Sv Pro, dient op straffe van niet-ontvankelijkheid binnen twee maanden na de betekening van de aanzegging als bedoeld in art. 435 lid 1 Sv Pro door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie te zijn ingediend. Nu bij de Hoge Raad niet tijdig een schriftuur is ingediend, dient verzoeker niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep te worden verklaard.
5. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verdachte in zijn cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
AG

Voetnoten

1.Deze zaak hangt samen met een zaak tegen verdachte [medeverdachte 1] (14/03259) en de zaak tegen verdachte [medeverdachte 2] (13/03398), in welke zaken ik vandaag eveneens concludeer.