ECLI:NL:PHR:2014:321
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens ontoereikende motivering afwijzing aanhoudingsverzoek in verkeerszaak
Het gerechtshof Arnhem heeft verdachte op 28 december 2012 veroordeeld voor overtreding van artikel 8, tweede lid, onderdeel a van de Wegenverkeerswet 1994, met een boete en een voorwaardelijke rijontzegging. Verdachte stelde cassatie in tegen dit arrest en verzocht om aanhouding van het onderzoek omdat hij vanwege een afkickprogramma op Malta verbleef en zelf aanwezig wilde zijn bij de terechtzitting.
Het hof wees het verzoek om aanhouding af met de motivering dat verdachte kennelijk geen gebruik wenst te maken van zijn aanwezigheidsrecht. De Hoge Raad oordeelt dat deze motivering ontoereikend is omdat het hof niet heeft afgewogen of de belangen van verdachte bij aanwezigheid zwaarder wegen dan het belang van een spoedige berechting en de organisatie van de rechtspleging.
De Hoge Raad verwijst de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voor hernieuwde berechting waarbij het hof een juiste belangenafweging moet maken en de gronden van het aanhoudingsverzoek adequaat moet betrekken in haar beslissing.
Uitkomst: Het arrest van het hof Arnhem wordt vernietigd wegens ontoereikende motivering van de afwijzing van het aanhoudingsverzoek en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe berechting.