ECLI:NL:PHR:2014:548
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voorwaardelijk opzet en medeplichtigheid bij bedreiging met zware mishandeling
In deze zaak is door de advocaat van verdachte een cassatiemiddel voorgesteld dat klaagt over een ontoereikende motivering van het voorwaardelijk opzet van verdachte als medeplichtige aan bedreiging met zware mishandeling.
Het Hof had echter niet alleen vastgesteld dat verdachte wist dat één van de broers die hij met de auto na een zoektocht naar het slachtoffer bracht gewoonlijk een mes bij zich droeg, maar ook dat sprake was van een situatie van levensbelang. Tevens hoorde verdachte dat de broers afspraken om ieder vanaf een andere kant op het slachtoffer af te gaan. Verdachte bleef wachten en bracht de broers na het steekincident thuis, terwijl uit een vertrouwelijk gesprek bleek dat verdachte zijn eigen rol bagatelliseerde.
Gezien deze feitelijke vaststellingen heeft het Hof het voorwaardelijk opzet van verdachte toereikend gemotiveerd aangenomen. De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad is dat het cassatieberoep evident tevergeefs is voorgesteld en daarom niet-ontvankelijk wordt verklaard op grond van artikel 80a RO.
Uitkomst: Cassatieberoep niet-ontvankelijk wegens voldoende motivering van voorwaardelijk opzet en medeplichtigheid.