Conclusie
Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden
1.Inleiding
Belastingblad2015/67,
FutD2015/0144.
2.De feiten en het geding in feitelijke instanties
3.Het geding in cassatie
4.Relevante regelgeving, wetsgeschiedenis, jurisprudentie en literatuur
5.Beoordeling van het middel
Stb.1970, 608) al waren genoemd, [32] namelijk het belang van natuurbescherming, wetenschap en recreatie. [33] Van een integrale verwijzing naar de Natuurschoonwet is geen sprake. Ook kan uit de totstandkomingsgeschiedenis mijns inziens niet worden afgeleid dat een beperking werd beoogd met betrekking tot de kring van belastingplichtigen waarop de Natuurschoonwet van toepassing is.