ECLI:NL:PHR:2015:2468
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens persoonsverwisseling bij drugshandelveroordeling
Aanvrager werd door de politierechter veroordeeld voor het opzettelijk handelen in strijd met het verbod op handel in harddrugs, gepleegd op 1 augustus 2014. De veroordeling betrof bezit en verkoop van heroïne en cocaïne. De aanvraag tot herziening werd ingediend op grond van de stelling dat de veroordeelde feitelijk zijn tweelingbroer was.
Ter onderbouwing werden onder meer identiteitsbewijzen, forensische rapporten en processen-verbaal overgelegd. Uit onderzoek van het College van Procureurs-Generaal bleek dat de aangehouden persoon op de datum van het strafbare feit de tweelingbroer was en niet de aanvrager. Dit werd bevestigd door vergelijking van vingerafdrukken, foto's en legitimatiebewijzen.
De Hoge Raad concludeerde dat bij kennis van deze feiten de politierechter de aanvrager vrijgesproken zou hebben. Daarom werd de aanvraag tot herziening gegrond verklaard, de tenuitvoerlegging van het vonnis opgeschort en de zaak verwezen naar het gerechtshof voor een nieuwe berechting.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening gegrond wegens persoonsverwisseling en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor hernieuwde berechting.