ECLI:NL:PHR:2015:345
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontstaan arbeidsovereenkomst wegens schijnconstructie met fiscale motieven
Eiser stelde dat tussen hem en Window Gard Safety & Sun B.V. een arbeidsovereenkomst bestond, terwijl de kantonrechter en het hof oordeelden dat sprake was van een schijnconstructie. De schriftelijke overeenkomst werd aangemerkt als nietig vanwege fiscale motieven en het ontbreken van daadwerkelijke arbeidsverplichtingen.
In eerste aanleg en hoger beroep werd vastgesteld dat eiser onvoldoende bewijs leverde van het bestaan van een arbeidsovereenkomst. Window Gard toonde aan dat de overeenkomst was opgesteld om belastingvoordeel te behalen, zonder dat eiser daadwerkelijk als werknemer werkte.
Het cassatieberoep richtte zich op het oordeel van het hof dat niet alle feiten waren meegewogen en dat het oordeel in strijd zou zijn met redelijkheid en billijkheid. De Hoge Raad verwierp deze klachten, omdat de middelen onvoldoende onderbouwd waren en strijd met redelijkheid en billijkheid geen cassatiegrond vormt.
De Hoge Raad bevestigt daarmee het oordeel dat geen arbeidsovereenkomst bestond en dat de schriftelijke overeenkomst nietig is wegens schijnconstructie en fiscale motieven.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en bevestigd dat geen arbeidsovereenkomst bestond wegens schijnconstructie.