Conclusie
middel
De motivering van de sanctie(s)
Ten aanzien van de persoonlijke omstandigheden van verdachte merkt de voorzitter op dat het hof een brief heeft ontvangen waaruit blijkt dat verdachte op 18 augustus 2015 is veroordeeld door de rechtbank Den Bosch tot een voorwaardelijke ISD-maatregel met elektronisch toezicht. Het hof heeft nog geen kennis genomen van het reclasseringsrapport waarop deze veroordeling is gebaseerd.
4. Integrale conclusie” dat de verdachte heeft aangegeven gemotiveerd te zijn voor onderzoek en behandeling in een ambulant kader. Aan een gesloten setting, in de vorm van een ISD-maatregel, wil hij echter niet meewerken. Verder heeft de verdachte te kennen gegeven mee te willen werken aan alle gestelde voorwaarden, maar dat tot dat moment niets van de grond is gekomen. Om de verdachte blijvend te motiveren voor verandering lijkt intensieve begeleiding noodzakelijk. Onder de kop “
6. Verantwoording” is te lezen dat het advies met de verdachte is besproken op 12 augustus 2015 en dat hij het in de basis oneens is met een ISD-maatregel (ook voorwaardelijk), maar dat hij zich wel kan vinden in de geformuleerde bijzondere voorwaarden.
volhardend is in zijn weigerende houding ten opzichte van iedere vorm van behandeling” en dat “
het opleggen van enig verplicht kader tot behandeling van verdachte naar het oordeel van de rechtbank dan ook gedoemd is om te mislukken”, achterhaald. Op grond van voornoemde vaststellingen zag de rechtbank geen mogelijkheid tot het – al dan niet voorwaardelijk – opleggen van de ISD-maatregel en heeft zij de verdachte noodgedwongen een onvoorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd. Nu in hoger beroep door de verdediging met argumenten onderbouwd is bepleit aan de verdachte een voorwaardelijke ISD-maatregel op te leggen, had het hof het oordeel van de rechtbank in zoverre bezwaarlijk ‘kaal’ kunnen bevestigen, aangezien dat oordeel niet meer viel te rijmen met de stand van zaken zoals die bij de behandeling van de zaak in hoger beroep naar voren was gekomen. In zoverre meen ik dan ook dat ’s hofs motivering van de opgelegde straf niet zonder meer begrijpelijk is. De strafoplegging is ontoereikend gemotiveerd.