ECLI:NL:PHR:2016:1152
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens falende bewijsklacht medeplegen
Het cassatieberoep betreft een uitspraak van het gerechtshof Den Haag van 6 oktober 2014, waarin verdachte werd veroordeeld voor medeplegen. De advocaat van verdachte stelde tijdig een middel van cassatie voor. De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad heeft geconcludeerd dat verdachte niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het cassatieberoep op grond van artikel 80a van het Wetboek van Strafvordering. Dit omdat verdachte klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep en het middel niet tot cassatie kan leiden.
De conclusie is gegeven tijdens de zitting van 4 oktober 2016. Er is tevens samenhang met andere zaken waarin soortgelijke conclusies zijn getrokken. De Hoge Raad volgt hiermee de lijn dat een falende bewijsklacht in een medeplegenzaak niet toereikend is voor ontvankelijkheid in cassatie.
De uitspraak bevestigt het belang van een voldoende belang en een kans van slagen in cassatieprocedures en sluit daarmee de mogelijkheid uit om zonder gegronde redenen cassatieberoep in te stellen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende belang en falende bewijsklacht.