ECLI:NL:PHR:2016:1206
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest medeplegen diefstal babbeltruc en verwijst terug
Het gerechtshof Den Haag heeft verdachte veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf voor meerdere feiten van diefstal door twee of meer verenigde personen, waaronder een diefstal op 1 oktober 2013 waarbij een geldbedrag en drie vazen werden weggenomen. De bewezenverklaring steunde onder meer op de waarneming van een gouden boventand bij verdachte, overeenkomend met het signalement van de aangeefster.
Verdachte stelde in cassatie dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het specifieke kenmerk van de gouden tand voldoende bewijs was, en dat het hof niet had gereageerd op de vingerafdruk op een gouden theelepeltje die niet van verdachte bleek te zijn. Ook was er kritiek op de bewijsvoering rond het IMEI-nummer van een mobiele telefoon.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het verschil in aantal gouden tanden tussen het signalement en de waarneming van het hof irrelevant is, en dat het hof niet heeft gereageerd op de vingerafdrukkwestie. Ook is de bewijsvoering rond het IMEI-nummer onduidelijk. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest voor zover het de bewezenverklaring van feit 6 betreft en verwijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde beoordeling.
Het cassatieberoep was deels ingetrokken voor andere feiten, zodat alleen de beoordeling van feit 6 en de strafoplegging nog aan de orde zijn. De schadevergoedingsmaatregel blijft buiten beschouwing in deze cassatie.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd voor de bewezenverklaring van feit 6 en de zaak wordt terugverwezen naar het hof voor hernieuwde beoordeling.