Conclusie
eerste middelklaagt dat het proces-verbaal van de behandeling in raadkamer ontbreekt en dat de bestreden beschikking derhalve niet in stand kan blijven.
Parket bij de Hoge Raad
In deze zaak heeft de Hoge Raad geoordeeld dat het ontbreken van een proces-verbaal van het onderzoek in de raadkamer ex art. 25 lid 1 Sv Pro een wezenlijk vormverzuim inhoudt. Dit proces-verbaal moet door de griffier worden opgemaakt en bevat de zakelijke inhoud van de afgelegde verklaringen en andere relevante gebeurtenissen tijdens het onderzoek.
De zaak betrof een klaagschrift tegen een beslagbeslissing waarbij een bedrag van € 1.024.500,- in beslag was genomen. Het hof had het klaagschrift ongegrond verklaard, maar de Hoge Raad stelde vast dat het proces-verbaal van de raadkamer ontbrak of verloren was gegaan.
Dit vormverzuim leidt tot nietigheid van het raadkameronderzoek en de daarop gebaseerde beschikking. De Hoge Raad vernietigde daarom de bestreden beschikking en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe behandeling van het klaagschrift.
De conclusie werd gegeven door mr. W.H. Vellinga op 6 december 2016. Het tweede cassatiemiddel werd niet behandeld omdat het eerste middel slaagde. Er werden geen ambtshalve gronden voor vernietiging gevonden.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking wegens het ontbreken van het proces-verbaal en wijst de zaak terug naar het hof.