ECLI:NL:PHR:2016:936

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
9 september 2016
Publicatiedatum
3 oktober 2016
Zaaknummer
16/04206
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 426a RvArt. 278 lid 3 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Cassatieberoep niet-ontvankelijk wegens ontbreken advocaatstekenning

De verzoeker heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waarin hij niet-ontvankelijk was verklaard in hoger beroep vanwege het ontbreken van een advocaatstekenning onder het appelschrift, in strijd met art. 278 lid 3 Rv Pro.

Bij het indienen van het cassatieberoep bleek het verzoekschrift eveneens niet ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad, wat in strijd is met art. 426a lid 1 Rv. De verzoeker is in de gelegenheid gesteld dit gebrek binnen veertien dagen te herstellen, maar heeft hiervan geen gebruik gemaakt.

Hierdoor kon de Hoge Raad de verzoeker niet in zijn cassatieberoep ontvangen en is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De conclusie van de Procureur-Generaal strekte tot deze niet-ontvankelijkverklaring.

Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een advocaatstekenning en het niet herstellen daarvan.

Conclusie

16/04206
Mr. F.F. Langemeijer
9 september 2016
Conclusie inzake het verzoek van:
[verzoeker]
1. Bij beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 17 mei 2016 (nr. 200.187.942) is de huidige verzoeker tot cassatie niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep. Het appelschrift was in strijd met art. 278 lid 3 Rv Pro niet ondertekend door een advocaat.
2. Bij schrijven (fax) van 16 augustus 2016 heeft verzoeker te kennen gegeven beroep in cassatie te willen instellen tegen die beschikking. Het verzoekschrift is in strijd met art. 426a lid 1 Rv niet ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Verzoeker is in de gelegenheid gesteld dit verzuim te herstellen binnen veertien dagen. Van die gelegenheid heeft verzoeker geen gebruik gemaakt. Om deze reden kan hij niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.
3. De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden,
plv.