ECLI:NL:PHR:2016:936
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Cassatieberoep niet-ontvankelijk wegens ontbreken advocaatstekenning
De verzoeker heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waarin hij niet-ontvankelijk was verklaard in hoger beroep vanwege het ontbreken van een advocaatstekenning onder het appelschrift, in strijd met art. 278 lid 3 Rv Pro.
Bij het indienen van het cassatieberoep bleek het verzoekschrift eveneens niet ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad, wat in strijd is met art. 426a lid 1 Rv. De verzoeker is in de gelegenheid gesteld dit gebrek binnen veertien dagen te herstellen, maar heeft hiervan geen gebruik gemaakt.
Hierdoor kon de Hoge Raad de verzoeker niet in zijn cassatieberoep ontvangen en is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De conclusie van de Procureur-Generaal strekte tot deze niet-ontvankelijkverklaring.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een advocaatstekenning en het niet herstellen daarvan.