Conclusie
middelklaagt dat de bewezenverklaring niet naar de eisen van de wet met redenen is omkleed, althans dat deze onbegrijpelijk is, nu het bewezenverklaarde handelen in strijd met de Opiumwet, meer in het bijzonder het daderschap van de rechtspersoon, niet uit de gebezigde bewijsmiddelen kan worden afgeleid.
feitelijk(in drukke periodes) alleen dan om legitimatie werd gevraagd wanneer iemand door de verkopende werknemer als jonger dan 21 jaar werd ingeschat.