ECLI:NL:PHR:2017:1388
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat kentekenhouder motorfiets niet automatisch eigenaar is bij beslaglegging
In deze zaak gaat het om een conservatoir beslag op een motorfiets die aanvankelijk onder klager in beslag was genomen, terwijl het kentekenbewijs op naam van een andere betrokkene stond. Klager stelde dat hij de eigenaar van de motorfiets was, wat door betrokkene werd bevestigd met de toelichting dat de motorfiets op zijn naam was gezet omdat klager destijds in Colombia woonde.
De rechtbank oordeelde dat, gelet op het kenteken op naam van betrokkene, deze als eigenaar moest worden beschouwd, tenzij het tegendeel overtuigend werd bewezen. De rechtbank vond dat klager niet aannemelijk had gemaakt dat hij als eigenaar moest worden aangemerkt, ondanks dat hij houder was en de motorfiets onder hem in beslag was genomen.
De Hoge Raad bevestigt dat de rechtbank de juiste maatstaf heeft gehanteerd door te beoordelen of buiten redelijke twijfel vaststaat dat klager eigenaar is. Het feitelijke oordeel van de rechtbank dat dit niet het geval is, is niet onbegrijpelijk en kan in cassatie niet worden getoetst. Ook wijst de Hoge Raad erop dat de hoofdregel dat een inbeslaggenomen voorwerp moet worden teruggegeven aan de beslagene niet van toepassing is zolang het belang van de strafvordering zich daartegen verzet.
Het cassatieberoep faalt en wordt verworpen, waarmee het conservatoir beslag op de motorfiets gehandhaafd blijft.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het conservatoir beslag op de motorfiets blijft gehandhaafd.