ECLI:NL:PHR:2017:168
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in cassatie wegens niet tijdig indienen cassatiemiddelen
In deze zaak heeft de klager beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Den Haag waarin het beklag tegen de verbeurdverklaring van een geldbedrag en een auto ongegrond werd verklaard. De Hoge Raad stelt vast dat de klager niet binnen de wettelijk gestelde termijn door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft ingediend. Hierdoor kan de klager niet worden ontvangen in het beroep in cassatie.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad heeft namens de klager bevestigd dat geen cassatiemiddelen zullen worden ingediend. De Hoge Raad concludeert daarom dat het beroep in cassatie niet-ontvankelijk is. Er is sprake van samenhang met een andere zaak, maar ook daarin zijn geen middelen ingediend.
De uitspraak bevestigt het belang van het tijdig indienen van cassatiemiddelen om ontvankelijkheid in cassatie te verkrijgen en handhaaft de beslissing van de rechtbank Den Haag over het beklag tegen beslag en verbeurdverklaring.
Uitkomst: Klager wordt niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens niet tijdig indienen van cassatiemiddelen.