ECLI:NL:PHR:2017:371
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vermindert gevangenisstraf voor mishandeling na klachten over strafmotivering en termijnoverschrijding
Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van zeven maanden, waarvan twee voorwaardelijk, voor mishandeling van twee slachtoffers op 4 september 2012 in Weert. Het hof motiveerde de straf onder meer aan de hand van de ernst van het bewezenverklaarde, de gedragingen van verdachte en de omstandigheden waaronder de feiten plaatsvonden. Verdachte werd tevens een contactverbod opgelegd.
De verdediging stelde in cassatie twee middelen aan: ten eerste dat het hof ten onrechte andere strafbare feiten bij de strafoplegging had betrokken zonder dat verdachte deze erkende, en ten tweede dat de straf verbazingwekkend was gelet op de oriëntatiepunten voor straftoemeting en LOVS-afspraken. De Hoge Raad verwierp het eerste middel en oordeelde dat het hof terecht rekening hield met de context van eerdere gedragingen die de omstandigheden van het bewezenverklaarde verduidelijken. Het tweede middel werd gegrond verklaard vanwege een overschrijding van de redelijke termijn in de cassatiefase.
De Hoge Raad constateerde dat het dossier te laat was ingediend, met een overschrijding van ruim 18 maanden ten opzichte van de gestelde termijn van acht maanden. Dit leidde tot een vermindering van de opgelegde straf. De overige klachten werden verworpen, en de strafvermindering werd ambtshalve toegepast. De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige strafmotivering en de naleving van redelijke termijnen in het strafproces.
Uitkomst: De Hoge Raad vermindert de gevangenisstraf wegens overschrijding van de redelijke termijn en bevestigt de strafoplegging voor mishandeling.