Conclusie
eerste middelkomt op tegen de toewijzing door het hof van de vordering van benadeelde partij [slachtoffer], voor zover deze betrekking heeft op de door [slachtoffer] gevorderde vergoeding van materiële schade bestaande uit de schade die is ontstaan door één jaar studievertraging en het collegegeld voor het jaar 2013-2014. In het middel wordt met name geklaagd over het oordeel van het hof dat de vordering van de benadeelde partij wat betreft de genoemde schadeposten door de verdachte (volstrekt) onvoldoende is betwist.
“Vordering tot schadevergoeding [slachtoffer]
+
+
+
Betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer]
+
tweede middelbevat een klacht over de overschrijding van de inzendtermijn in de cassatiefase.