Conclusie
medeplegen van overtreding van een bij artikel 3, eerste lid, van de Vuurwapenverordening 1930 gesteld verbod, meermalen gepleegd, strafbaar gesteld bij artikel 11 van Pro die verordening” [1] , 3.
“medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met artikel 3, eerste lid sub C, van de Opiumlandsverordening 1960, strafbaar gesteld bij artikel 11 van Pro die verordening”, 4.
“medeplegen van witwassen, strafbaar gesteld bij artikel 435a van het Wetboek van Strafrecht”, 5. en 7. telkens
“deelneming aan een organisatie, die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven, strafbaar gesteld bij artikel 146 van Pro het Wetboek van Strafrecht”en 6.
“medeplegen van van het plegen van witwassen een gewoonte maken, strafbaar gesteld bij artikel 435b van het Wetboek van Strafrecht”veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van zes jaren met aftrek als bedoeld in art. 31 SrNA Pro (oud). Het Hof heeft tevens beslist tot onttrekking aan het verkeer, verbeurdverklaring en teruggave aan de rechthebbende van een aantal inbeslaggenomen voorwerpen.
eerste middelkomt op tegen de motivering van de bewezenverklaring van het onder 1 en 3 tenlastegelegde. Blijkens de toelichting klaagt het middel dat het Hof ontoereikend heeft gemotiveerd dat de verdachte zich in meer of mindere mate bewust is geweest van de aanwezigheid in de auto van het vuurwapen met de munitie (feit 1) en de cocaïne (feit 3).
Nieuw feit voor de verdachte [verdachte]
Het in de Toyota Corolla aangetroffen vuurwapen betrof een Glock 36, type Austria, kaliber .45, wapennummer [001] . In het wapen werd een patroonhouder aangetroffen met zes scherpe patronen van het kaliber .45. Het vuurwapen werd op DNA bemonsterd. In het proces-verbaal pvnr 134 wordt deze bemonstering beschreven, SIN nummer AAAO4456NL. Uit onderzoek van het NFI bleek dat er op het spoor twee DNA-profielen zijn aangetroffen, waaronder een DNA-nevenprofiel van [verdachte] .
Aangetroffen geld in Toyota Corolla
In de Toyota Corolla werd een plastic tas aangetroffen. Hierin zaten 203 biljetten van 100 US dollar en 100 biljetten van 50 US dollar. In totaal dus 25.300 US dollar.
tweede middelkomt met diverse deelklachten op tegen de motivering van de bewezenverklaring van het onder 4 tenlastegelegde en het klaagt bovendien dat het Hof ten onrechte heeft aangenomen dat het onder 4 bewezenverklaarde was strafbaar gesteld in art. 435a SrNA (oud).
niet(door de verdachte) uit de enkele aanwezigheid van dat tasje kon worden afgeleid. Nu uit de bewijsvoering evenmin anderszins volgt dat de verdachte met de inhoud van het tasje bekend was, is het bewijsoordeel van het Hof omtrent verdachtes wetenschap van de aanwezigheid van het geld niet zonder meer begrijpelijk. Dat het Hof bij zijn oordeel voorts heeft betrokken de omstandigheid dat in de auto ook cocaïne en een vuurwapen met munitie zijn aangetroffen, maakt dat niet anders. Niet valt in te zien waarom uit die omstandigheden kan worden afgeleid dat de verdachte met het in de tas aanwezige geldbedrag bekend was.
derde middelkomt op tegen de motivering van de bewezenverklaring van het onder 6 tenlastegelegde. Het valt in twee deelklachten uiteen. Bovendien klaagt het middel dat het Hof ten onrechte heeft aangenomen dat het onder 6 bewezenverklaarde was strafbaar gesteld in art. 435b SrNA (oud).
een invoice van [A] aan [C] is opgemaakt om een illegale geldstroom af te dekken”, dat “
[A][…]
$ 12.300[heeft]
witgewassen”, dat de verdachte
“$ 41.745[heeft]
witgewassen” en dat de verdachte “
$ 148.757,18[heeft]
witgewassen”. Dit zijn evident conclusies die zijn voorbehouden aan de rechter.
vierde middelkomt in het eerste onderdeel op tegen de motivering van de bewezenverklaring van het onder 5 tenlastegelegde. In het tweede onderdeel komt het middel op tegen de motivering van de bewezenverklaring van het onder 7 tenlastegelegde. Beide onderdelen vallen uiteen in twee deelklachten. In het derde onderdeel klaagt het middel bovendien dat het Hof ten onrechte heeft aangenomen dat het onder 5 en 7 bewezenverklaarde was strafbaar gesteld in art. 146 SrNA Pro (oud).
Mobiele telefoons [verdachte]
Bij de aanhouding van [verdachte] werden in zijn broekzakken vijf Blackberry's aangetroffen. Deze werden voorzien van de codes B.B.1 tot en met B.B.5.
Geplande vliegreis Curaçao
Verdovende middelen transport Dominica
In telefoon B.B.4 werden chatsessies tussen [betrokkene 1] , [betrokkene 2] en [verdachte] aangetroffen.
een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband” (feit 5).
vijfde middelklaagt dat art. 401, vierde lid, SvNA is geschonden, doordat het Hof heeft verzuimd de (juiste) wettelijke voorschriften te vermelden waarop de aan de verdachte opgelegde straffen en maatregel (mede) zijn gegrond. Het Hof had niet de bepalingen uit het Wetboek van Strafrecht van de Nederlandse Antillen, [19] maar uit het nieuwe Wetboek van Strafrecht van Sint Maarten dienen te vermelden, aldus de steller van het middel.