Conclusie
middelklaagt dat de bewezenverklaring niet naar de eis der wet met redenen is omkleed, althans ontoereikend en/of onbegrijpelijk is gemotiveerd.
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte werd door het gerechtshof Den Haag veroordeeld voor het rijden terwijl zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. Het hof baseerde de bewezenverklaring mede op het feit dat het besluit tot ongeldigverklaring per aangetekende brief aan de verdachte was verzonden.
De verdachte stelde cassatie in met het middel dat de bewezenverklaring onvoldoende was gemotiveerd, met name dat niet kon worden afgeleid dat hij redelijkerwijs moest weten van de ongeldigverklaring. De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad onderschreef dit standpunt en stelde dat de enkele omstandigheid van verzending van een aangetekende brief niet voldoende is om kennis aan te nemen.
De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug naar het gerechtshof voor hernieuwde beoordeling. Tevens werd vastgesteld dat uit de bewijsvoering niet kon worden afgeleid dat na de ongeldigverklaring geen ander rijbewijs was afgegeven. De zaak kent samenhang met een andere zaak (17/03810).
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar het gerechtshof voor hernieuwde beoordeling.