Conclusie
middelklaagt dat ‘s hofs overwegingen ten aanzien van de vrijspraak van de verdachte onderling tegenstrijdig en/of onbegrijpelijk zijn en het oordeel dat verdachte moet worden vrijgesproken van deelneming aan een terroristische organisatie niet kunnen dragen.
heeft deelgenomen aan een organisatie, te weten Al Qaida en/of Islamitische Staat, althans een terroristische Jihadistische strijdgroep, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van terroristische misdrijven, namelijk
A. het opzettelijk brand stichten en/of een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel en/of levensgevaar voor een ander te duchten is en/of dit feit iemands dood ten gevolge heeft (zoals bedoeld in artikel 157 Wetboek Pro van Strafrecht), (te) begaan met een terroristisch oogmerk (zoals bedoeld in artikel 176a van het Wetboek van Strafrecht) en/of
B. doodslag (te) begaan met een terroristisch oogmerk (zoals bedoeld in artikel 288a van het Wetboek van Strafrecht) en/of
C. moord (te) begaan met een terroristisch oogmerk (zoals bedoeld in artikel 289 jo Pro 83 van het Wetboek van Strafrecht) en/of
D. het opzettelijk en wederrechtelijk doen zinken en/of stranden en/of verongelukken en/of vernielen en/of onbruikbaar maken en/of beschadigen van een vaartuig en/of voertuig en/of luchtvaartuig, terwijl daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is en/of dit feit iemands dood ten gevolge heeft (zoals bedoeld in artikel 168 Wetboek Pro van Strafrecht) (te) begaan met een terroristisch oogmerk (zoals bedoeld in artikel 176a van het Wetboek van Strafrecht) en/of
E. de samenspanning en/of opzettelijke voorbereiding van en/of bevordering tot eerdervermelde misdrijven (zoals bedoeld in artikel 176b en/of 289a en/of 96 lid 2) en/of
F. het voorhanden hebben van een of meer wapens en/of van munitie van de categorieën II en/of III (zoals bedoeld in artikel 26 lid 1 van Pro de Wet Wapens en Munitie) (te) begaan met een terroristisch oogmerk en/of met het oogmerk om een terroristisch misdrijf voor te bereiden of gemakkelijk te maken (zoals bedoeld in artikel 55 lid 1 en Pro/of lid 5 van de Wet Wapens en Munitie).”
Beoordeling van de tenlastelegging
pseudologia fantasticadan wel vanuit compensatiegedrag/stoerdoenerij worden verklaard en zijn derhalve onbetrouwbaar. Er is geen bewijsmiddel dat concreet iets zegt over de deelname aan de organisatie Al Qaida. De verdachte heeft enkel af toe zijn wijk in Aleppo bewaakt voor het Vrije Syrische Leger (verder: VSL).
Art. 83a Sr:
Art. 140a Sr:
terroristischemisdrijven moeten zijn. [5] Wat onder “terroristische misdrijven” dient te worden verstaan, maakt het hierboven weergegeven art. 83 Sr Pro duidelijk. Veel van de in dat artikel onder 2° en 3° genoemde misdrijven bevatten het bestanddeel “terroristisch oogmerk”, terwijl art. 83, eerste lid onder 1°, de daarin aangehaalde misdrijven louter als terroristisch misdrijf classificeert indien zij met “terroristisch oogmerk” zijn begaan. Wat een “terroristisch oogmerk” is, wordt omschreven in het eveneens hiervoor aangehaalde art. 83a Sr.