Conclusie
middelklaagt over de toewijzing van de vorderingen van benadeelde partijen en over het opleggen van de schadevergoedingsmaatregelen. Het hof heeft ten onrechte geoordeeld dat aan de eisen van artikel 6:106 BW Pro was voldaan. Er kan niet gesproken worden van een "aantasting in zijn persoon". Evenmin is vastgesteld dat verdachte het oogmerk heeft gehad om de benadeelde partijen immateriële schade toe te brengen.