ECLI:NL:PHR:2018:194
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid vervolging wegens ne bis in idem en oordeelt over gewoontewitwassen en valsheid in geschrift
De verdachte is door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie veroordeeld wegens meermalen medeplegen van gewoontewitwassen, valsheid in geschrift, gebruik van vervalste geschriften en deelname aan een criminele organisatie. Het hof oordeelde dat de baren en broodjes goud die illegaal vanuit Venezuela naar Aruba en Curaçao werden geëxporteerd, als afkomstig uit enig misdrijf konden worden aangemerkt. De verdachte maakte gebruik van valsheid in geschrift om de exportvergunning te omzeilen.
De verdediging voerde onder meer aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard wegens dubbele vervolging (ne bis in idem), omdat de verdachte reeds in Nederland was vervolgd voor hetzelfde feitencomplex. Het hof verwierp dit voor een deel, maar verklaarde het OM niet-ontvankelijk voor enkele feiten die wel hetzelfde feitencomplex betroffen.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het hof dat de feiten onder 3a tot en met 8b niet hetzelfde feitencomplex vormen als in de Rotterdamse zaak, en dat de vervolging daarom niet in strijd is met ne bis in idem. Ook oordeelt de Hoge Raad dat het hof voldoende heeft gemotiveerd dat het goud afkomstig was uit enig misdrijf en dat de verdachte wist of redelijkerwijs moest weten dat het exporteren zonder vergunning strafbaar was. De klacht dat het hof de grondslag van de tenlastelegging had verlaten wordt verworpen omdat het hof de bewezenverklaring als nadere concretisering van de tenlastelegging beschouwt.
Een klacht over het ontbreken van het proces-verbaal van de terechtzitting van 31 augustus 2015 wordt verworpen omdat die zitting nietig was verklaard en er geen onderzoek heeft plaatsgevonden. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het vonnis van het hof.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bevestigd met een gevangenisstraf van 540 dagen wegens gewoontewitwassen en valsheid in geschrift.