ECLI:NL:PHR:2018:240
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Arrest Hoge Raad over feitelijk leidinggeven aan Opiumwet-overtredingen, gewoontewitwassen en criminele organisatie
In deze zaak heeft het gerechtshof Amsterdam de verdachte veroordeeld voor feitelijk leidinggeven aan verschillende overtredingen van de Opiumwet, feitelijk leidinggeven aan gewoontewitwassen en deelneming aan een criminele organisatie. Hoewel het hof geen straf of maatregel oplegde, werd de schuld vastgesteld. De zaak is verbonden met meerdere andere zaken die dezelfde feiten betreffen.
De verdachte stelde vijf cassatiemiddelen voor, waaronder bezwaren tegen de ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie, het ontbreken van materiële wederrechtelijkheid, het beroep op overmacht-noodtoestand, de kwalificatie van gewoontewitwassen en de bewijskracht voor deelneming aan een criminele organisatie. De Hoge Raad oordeelde dat deze middelen geen behandeling in cassatie rechtvaardigen, omdat de klachten onvoldoende belang hebben of niet tot cassatie kunnen leiden.
Hiermee bevestigde de Hoge Raad de eerdere beoordeling van het hof en de ontvankelijkheid van het OM. De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige toetsing van cassatiemiddelen en bevestigt de juridische kwalificaties en bewijswaardering van het hof in complexe strafzaken met betrekking tot drugshandel en witwassen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling voor feitelijk leidinggeven aan drugsovertredingen en witwassen zonder strafoplegging.