Conclusie
2.Bespreking van het cassatiemiddel
Grief 1luidt dat de rechtbank ten onrechte aan [eiser] de gematigde boete heeft toegekend die [eiser] op basis van artikel 10.3 van de koopovereenkomst vordert. Uit de toelichting op deze grief volgt dat [verweerder] c.s. met deze grief hun derde stelling in het principale appel herhalen dat [eiser] heeft gekozen voor aanspraak op de boete van artikel 10.2, met als consequentie dat [eiser] niet de mogelijkheid toekomt “om thans in rechte te kiezen voor de boete zoals in artikel 10.3 geformuleerd.”
€ 57.500,- lag. Door de boete in rov. 5.16 vast te stellen op € 34.500,- heeft het hof de grenzen van de rechtsstrijd dus miskend.