Conclusie
Het tweede middel klaagt over het tot het bewijs gebruiken van de verklaring van dochtertje [betrokkene 1] door het hof. Dit levert volgens de steller van het middel schending op van art. 6 EVRM Pro.
Het derde middel bevat de klacht dat de redelijke termijn in cassatie is overschreden.
Bewezenverklaring, bewijsmiddelen en bewijsoverwegingen hof
hij op of omstreeks 31 juli 2015 te Utrecht aan [slachtoffer] , opzettelijk zwaar lichamelijk letsel te weten een dubbelzijdige klaplong en meerdere ribfracturen en perforatie van de borstvliezen en perforatie van de rechterleverkwab heeft toegebracht, door opzettelijk met kracht tegen de romp van die [slachtoffer] te trappen en/of te schoppen, terwijl het feit de dood van die [slachtoffer] ten gevolge heeft gehad;
hij op of omstreeks 31 juli 2015 te Utrecht, het lijk van [slachtoffer] heeft begraven en weggevoerd met het oogmerk om het feit en/of de oorzaak van het overlijden van die [slachtoffer] te verhelen,
immers heeft hij, verdachte,
- het lijk van die [slachtoffer] vervoerd en
- het lijk van die [slachtoffer] begraven in een grafkuil”
Waar in de bewijsmiddelen sprake is van “ [slachtoffer] ” of [slachtoffer] ” wordt telkens kennelijk bedoeld [slachtoffer] .
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant, zakelijk weergegeven:
Wij spraken met [getuige 1] . [getuige 1] vertelde dat zij de oudste dochter is van [slachtoffer] . [slachtoffer] heeft met [verdachte] (het hof begrijpt: verdachte) nog twee dochters. Dit zijn de halfzusjes van [getuige 1] .
Op vrijdag 31 juli 2015 had [getuige 1] voor het laatst contact met haar moeder [slachtoffer] . [slachtoffer] was op dat moment bij haar ex-man, genaamd [verdachte] , woonachtig op [a-straat 1] te [plaats] . Zij zou hier op haar kinderen passen. Na vrijdagavond had [getuige 1] niets meer van [slachtoffer] vernomen, terwijl zij normaal dagelijks met elkaar Whats Appen of bellen.
Ik heb in het systeem een telefoonnummer van [verdachte] gevonden. Ik heb dit nummer gebeld en kreeg iemand te spreken die zichzelf [verdachte] noemde. Ik hoorde hem het volgende vertellen:
‘Ik ben de ex-vriend van [slachtoffer] . Met [slachtoffer] heb ik twee kinderen, een tweeling. [slachtoffer] woont in Spanje. Vrijdag 31 juli 2015 zou [slachtoffer] met het vliegtuig naar Nederland komen.’
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant, zakelijk weergegeven:
Op mijn verzoek had [getuige 1] persoonlijke eigendommen meegenomen van haar moeder. Deze spullen had haar moeder achtergelaten op haar logeeradres bij ene [getuige 2] die woonachtig is op de [b-straat] te [plaats] .
Op mijn vraag hoe laat zij haar moeder voor het laatst had gezien op vrijdag 31 juli verklaarde [getuige 1] dat dat om ongeveer 18.40 uur geweest moet zijn. Zij hadden toen net vanaf [getuige 2] lijn 3 naar het Centraal Station Utrecht genomen en [slachtoffer] had lijn 34 gepakt naar halte [c-straat 1] om naar de woning van [verdachte] te gaan.
Op zondag kreeg zij een berichtje van [getuige 2] . De strekking van dat berichtje was dat [getuige 2] niks meer van [slachtoffer] had gehoord of gezien en dat al haar spullen nog bij haar in de woning lagen.
[getuige 1] had vanochtend voor het laatst met [betrokkene 2] gesproken. In Spanje had men nog niks vernomen van [slachtoffer] .
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant,zakelijk weergegeven:
,dossierpagina 89-93, voor zover inhoudende als
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant,zakelijk weergegeven:
Overledene: [slachtoffer] .
Op 16 augustus 2015 kreeg ik het verzoek te gaan naar de 2e Polderweg te Utrecht. Het onderzoek is verricht aan de 2e Polderweg te Utrecht. De plaats delict is gesitueerd in de bosschages.
rapport ‘Pathologie onderzoek naar aanleiding van een mogelijk niet natuurlijke dood’van het Nederlands Forensisch Instituut, genummerd 2015.08.10.114, gedateerd 29 december 2015, opgemaakt door A. Maes, arts en patholoog, dossierpagina 222-234, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Door het geweld op de romp had de gebroken 9e rib de rechterleverkwab geperforeerd en was er vrij bloed in de buik. De letsels zijn het gevolg van bij leven opgelopen uitwendig inwerkend heftig botsend geweld op de romp. Het overlijden kan door het oplopen van de letsels goed worden verklaard door functieverlies van de longen en door belemmering van de circulatie.
Conclusie[slachtoffer] is overleden als gevolg van verwikkelingen van bij leven opgelopen uitwendig inwerkend heftig botsend en/of comprimerend geweld op de romp.
Bijlage 1 Uit- en inwendige schouwingRechts zijwaarts was het middenrif bloederig en ter hoogte van de gebroken 9e rib ingescheurd.
briefvan 18 april 2016 van D. Botter, forensisch arts, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
De lever is een zeer rijk doorbloed orgaan, waarbij de weefselstructuur slechts beperkt in staat is om een eventuele bloeding te beperken. Het letsel in de lever was bij leven ontstaan. De geringe hoeveelheid bloed in de buikholte zal derhalve in korte tijd verloren zijn uit het leverletsel (en mogelijk deels postmortaal), hetgeen impliceert dat de overlevingsduur na optreden van de leverperforatie kort zal zijn geweest (naar schatting een beperkt aantal minuten).
brief ‘Beantwoording nadere vragen’van 9 juni 2016 van D. Botter, forensisch arts, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
De perforaties van borstholte, middenrif en lever zijn veroorzaakt door binnenwaartse verplaatsing van de scherpe breukranden van de gebroken rib(ben).
De bevindingen (in casu de letsels) zijn zeer veel waarschijnlijker onder de hypothese dat stevig stomp botsend mechanisch geweld tegen de rechterzijde van de borstkas heeft plaatsgevonden dan onder de hypothese dat voor achterwaartse samendrukking van de borstkas heeft plaatsgevonden. Dit impliceert dat slaan, stompen, schoppen, vallen of (zich) stoten als causaal mechanisme veel waarschijnlijker is dan samendrukken van de borstkas door met gewicht op het slachtoffer te zitten.
Schoppen kan in vergelijking met slaan veel ernstiger letsels opleveren vanwege de grotere energieoverdracht.
De ribbreuken bevinden zich op dezelfde plaats in vier naast elkaar gelegen ribben. Deze bevinding is veel waarschijnlijker onder de hypothese dat één krachtige geweldsinwerking heeft plaatsgevonden tegen de borstkas ter plaatse, dan onder de hypothese dat meerdere geweldsinwerkingen hebben plaatsgevonden tegen de borstkas ter plaatse.
brief ‘Beantwoording aanvullende vragen NFI 2015.08.10.114’van
9juni 206 van A. Maes, arts en patholoog, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
In de vrije buikholte was relatief weinig bloed aanwezig bij sectie. Daaruit kan worden afgeleid dat [slachtoffer] kort na het oplopen van de leverperforatie is overleden.
De sectiebevindingen zijn veel waarschijnlijker onder hypothese III ( [slachtoffer] is een beperkt aantal minuten na het optreden van de leverperforatie overleden) dan onder hypothese IV ( [slachtoffer] is een uur (of meer) na het optreden van de leverperforatie overleden).
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant,zakelijk weergegeven:
Er is onderzoek ingesteld naar opgenomen camerabeelden. Daarbij zijn beelden van de vermiste aangetroffen. Er zijn een viertal prints gemaakt. Op de prints is te zien dat de vermiste op 31 juli 2015, te 10.56 uur, de aankomsthal van de luchthaven Schiphol betreedt.
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant,zakelijk weergegeven:
Op 16 augustus 2015 werd het lichaam van [slachtoffer] gevonden in Utrecht.
droeg in het graf sleehakken met zwarte bandjes, donkere strakke broek, een turquoise blauw shirtje, precies dezelfde kleur als op de foto’s van Schiphol. Daar overheen heeft ze een spijkerjasje aan.
De kleding in het graf betreft dezelfde kleding welke [slachtoffer] op vrijdag 31 juli 215 gedragen heeft.
verklaring van [getuige 1], zakelijk weergegeven:
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisanten, zakelijk weergegeven:
Op 7 augustus 2015 is als getuige gehoord [getuige 2] . [getuige 2] verklaarde dat ze samen met [slachtoffer] pp 31 juli 2015 omstreeks 17.15 uur een anonieme OV- chipkaart voor [slachtoffer] heeft gekocht in het Servicepoint op het Centraal Station te Utrecht. Op 8 augustus 2015 heb ik contact opgenomen met [betrokkene 3] , contactpersoon van Qbuzz. [betrokkene 3] vertelde mij dat op 31 juli 2015 tussen 17.00 en 17.30 uur maar één nieuwe anonieme OV-chipkaart is verkocht in het Servicepoint op het Centraal Station te Utrecht. Het tijdstip van de gekochte kaart is 17.23 uur.
Hierop heeft [betrokkene 3] voor mij de reisgegevens van dit OV-chipkaartnummer gegeven. In de reishistorie is te zien dat de kaart op 31 juli 2015 om 17.23 uur is aangeschaft en alleen in de avond tussen 17.26 uur tot 18.57 uur in gebruik is geweest.
Tevens is te zien dat er met de kaart is ingecheckt in de bus Centraal Station, centrumzijde, te Utrecht naar de [d-straat] te Utrecht en daar is uitgecheckt. Vervolgens is er ingecheckt in de bus van de [d-straat] te Utrecht naar het Centraal Station te Utrecht en daar is niet uitgecheckt. Dat er van het Centraal station te Utrecht is ingecheckt naar [c-straat] en daar is uitgecheckt om 18.57 uur.
[getuige 2], zakelijk weergegeven:
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant, zakelijk weergegeven:
- strip anticonceptie middel: Microgynon, aangetroffen in een toilettasje. Alle pillenvakjes zijn leeg behalve één pillenvakje met erbij het opschrift: Vr (vrijdag).
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant, zakelijk weergegeven:
Pizza Hawaii:
- Tomatensaus;
- Mozzarella;
- Ham;
- Ananas;
- Extra kaas.
Pizza BBQ mixed grill:
- BBQ saus;
- Mozzarella;
- Rode ui;
- Paprika;
- Gehakt;
- Bacon;
- Ham;
- Gegrilde kip.
Onderzoek aan maaginhoud van [slachtoffer] , aangetroffen op 16 augustus 2015 in een bosperceel te Utrecht’ van het Nederlands Forensisch Instituut van 26 november 2015, opgemaakt door dr. ir. A.F.W.M. Wolterink, genummerd 2015.08.10.114, dossierpagina 493-498, zakelijk weergegeven:
OnderzoekTe onderzoeken materiaal: AAIF4158NL: maag van slachtoffer [slachtoffer] .Uit gepubliceerde studies blijkt dat onder normale omstandigheden 90% van het ingenomen vaste voedsel binnen 4 uur de maag doorloopt. De maag/darmwerking stopt wanneer een persoon overleden is.
Interpretatie van resultatenDe maaginhoud bestaat uit een grote hoeveelheid bruine vloeibare massa. De grootste fractie van de in de maaginhoud aangetroffen macroresten bestaat uit fragmenten van rode en gele paprika/Spaanse peper, ui en varkensvlees.
ConclusieMet onderzoek aan een representatieve afsplitsing van de maaginhoud [AAIF4158NL] is vastgesteld dat de laatste maaltijd van het slachtoffer bestaat uit rode en gele paprika/Spaanse peper, ui en varkensvlees.
verklaring van verdachte, zakelijk weergegeven:
Verdachte: Om en nabij zeven uur, bij mij thuis. [a-straat 1] .
Verbalisant: En dan praten we over vrijdag 31 juli 2015?
Verdachte: Ja
Verdachte: Ik had nog pizza voor haar gehaald.
Verbalisant: Vrijdag komt ze binnen, pizza gehaald.
Verdachte: Ja. De kinderen hadden de pizza op. Ik heb gezegd tegen [slachtoffer] : nou zus en zo eh, de pizza voor jou staat op het gasfornuis in de doos.
Verdachte: Ik ben vrijdag weggegaan. Ik denk dat ik om een uur of kwart over zeven zo’n beetje uit het huis was.
Verdachte: Ik ben het huis ingelopen.
Verbalisant: Hoe laat was dat?
Verdachte: Zes, zeven, acht over negen dat soort tijden. [slachtoffer] was ook aanwezig. Ik loop naar de slaapkamer van de kinderen toe. Mijn kinderen lagen nog wakker. [slachtoffer] lag bij [getuige 1] in bed. Ik ben naar de huiskamer gelopen.
verklaring van verdachte, zakelijk weergegeven:
Verdachte: Ja. Ik ga de slaapkamer uit en laat moeder alleen met de kinderen.
Verbalisant: Hoelang duurt'het voordat jullie weer contact met elkaar hebben?
Verdachte: Een minuut of twee, drie, vier. We hebben een kortstondige discussie gehad.
Verbalisant: Hoelang heeft dat geduurd?
Verdachte: Dat zal een minuut of tien geweest zijn. Dat is met stem verheffen.
verklaring van [betrokkene 1], zakelijk weergegeven:
[betrokkene 1] : Toen mama bij papa de huis was. En toen ging papa werken. Toen ging mama ons naar bed brengen. En toen ging papa met mama ruzie maken. Toen horen we geen geluid meer toen deed papa toen horen we mama gillen. En toen ging papa nog een keer met mama ruzie maken.
Verbalisant: Wie was er toen bij jullie thuis? Toen mama jullie naar bed ging brengen?
: Papa. Papa ging de werkbroek aandoen. En die ging de werkschoenen ook nog aan doen. En toen kwam mama heel snel thuis met het vliegtuig. En toen had papa een roos gekocht. En toen kwam mama niet. En toen ging papa weer de rozen in de auto neerleggen. En toen gingen we weer naar huis rijden. Toen gingen we nog televisie kijken en toen gingen we naar bed.
Verbalisant: Dan komt mama die gaat jullie naar bed brengen he? Hoe gaat dat dan? Dus mama die komt binnen en dan?
: Toen ging papa snel hem aankleden. En toen ging papa de werkshirt aan doen en zijn werkschoenen. Toen kwam mama en toen was papa nog thuis. En toen ging papa weer naar zijn werk. En mama ging goed op ons passen. Toen ging mama ons naar bed brengen En toen kwam papa weer thuis. Toen ging papa ruzie maken met mama. En eh, toen ging mama weer, toen was er geen herrie meer. En toen was er herrie weer.
Verbalisant: Oké, want wat hoorde jij dan? Dat het ruzie was?
: Omdat mama ging gillen.
Verbalisant: Omdat mama ging gillen. Wat hoorde je dan gillen?
: Eh, ahhhh.
Verbalisant: Oké, en papa zei toen iets? Toen mama aan het gillen was?
: Eh, nee. Alleen mama. Alles ging papa aan mama toen mama aan het gillen was toen zegt papa, zei mama alles over papa dat papa toen eh, toen mama aan het gillen was.
Verbalisant: Waar gilde mama?
: Binnen. En toen voor de tweede keer.
Verbalisant: Wie hoorde jij gillen?
: Mama. En papa ging stampen met de schoenen.
Verbalisant: En hoe weet jij dat papa ging stampen met zijn schoenen?
: Omdat lawaai van mama ging gillen en toen ging papa stampen. Toen ging papa achter mama aan. En eh, toen ging mama hoesten. En verder niks meer.
Verbalisant: En je zegt papa ging achter mama aan en waar ging mama dan naar toe?
: Toen ging ze een rondje lopen over de tafel. Ik heb het gehoord.
Verbalisant: En toen papa terug kwam, en toen papa ruzie ging maken met mama. En toen is er herrie. Herrie he en toen was er even niks.
: Stil.
Verbalisant: En toen was er weer herrie hé? Hoe gaat dat dan. Wat hoorde je dan in deze herrie. Wat hoorde je daar?
: Ahhhh.
Verbalisant: Verder nog iets?
: Niks.
Verbalisant: Nee, oké. En dan zeg je van papa ging stampen en achter mama aan en om de tafel heen. Wat gebeurde er daarna? Wat was er toen?
: Eerst ging, eerst ging hier, eerst ging mama heel erg lang gillen. Toen was het weer stil. Toen hoorde ik de eh, de kraan.
Verbalisant: Toen hoorde je de kraan.
: En toen was er weer een gegil.
Verbalisant: Je hoorde ook nog hoesten zei je. Wat hoorde je dan precies?
: Spugen gewoon. Met spugen gaat mama hoesten.
Verbalisant: Hoe vaak hoorde je hoesten?
: Eén keer maar.
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant,zakelijk weergegeven:
Tijdens het chemisch onderzoek werden op de onderstaande locaties luminescentie waargenomen. De bemonsteringen van deze locaties gaven een positieve reactie op de bloed indicatieve Tetrabase test:
- op de laminaatvloer onder het kleed van de woonkamer (spoor nummer 1);
- op de laminaatvloer onder het kleed van de woonkamer (spoor nummer 2);
- op de laminaatvloer onder het kleed van de woonkamer (spoor nummer 3).
Op het kleed stond een salontafel.
SIN: AACQ2256NL
Spooromschrijving: bloed
Plaats veiligstellen: onder kleed bij salontafel (nr. 1)
Bijzonderheden: vanaf laminaatvloer
rapport ‘Onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van een vermissing in Maarssen op 5 augustus 2015’van het Nederlands Forensisch Instituut van 18 augustus 2015, opgemaakt door dr. B. Kokshoom, genummerd 2015.08.10.114, dossierpagina310-311, voorzover inhoudende, zakelijk weergegeven:
AACQ2256NL#01 een bemonstering (onder kleed bij salontafel vanaf laminaatvloer)
rapport ‘Onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van het aantreffen van het stoffelijk overschot van [slachtoffer] in Utrecht op 16 augustus 2015’van het Nederlands Forensisch Instituut van 9 november 2015, opgemaakt door dr. B. Kokshoom, gedateerd 2015.08.10.114, dossierpagina 336-338, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
AanvraagAAIF4169NL een referentiemonster botweefsel van [slachtoffer] (geboren op [geboortedatum] 1970) afkomstig van stoffelijk overschot AAFW6638NL
Resultaten, interpretatie en conclusieHet DNA-profiel van het bloed in de bemonstering AACQ2256NL#01 is betrokken bij het vergelijkend DNA-onderzoek.Van het referentiemonster botweefsel AAIF4169NL van [slachtoffer] is een DNA- profiel verkregen. Dit DNA-profiel matcht met het DNA-profiel van het bloed in bemonstering AACQ2256NL#01. Dit betekent dat het bloed in deze bemonstering afkomstig kan zijn van [slachtoffer] . De kans dat het DNA-profiel van een willekeurig gekozen vrouw matcht met dit DNA-profiel is kleiner dan één op één miljard.
verklaring van verdachte, zakelijk weergegeven:
Verdachte: Een oude Nokia voor de Lewara (het hof.begrijpt: Lebara)
Verdachte: Vrijdag ben ik pizza wezen kopen.
Verbalisant: Vrijdag 31 juli 2015. Waar heb je die besteld?
Verdachte: Die heb ik gehaald bij Domino’s op de Marnixlaan. Volgens mij heb ik die gepind. Rekeningnummer is [0001] .
Verdachte: Mijn kinderen hadden vrijdagavond toen ik wegging de pizza al op. En die van [slachtoffer] stond op het gasfornuis.
Verbalisant: We hebben het over je auto gehad. Suzuki Wagon. Hoe vaak wordt die auto door andere mensen gebruikt?
Verdachte: Ik ben in principe de vaste rijder van die auto.
Verbalisant: In die auto is een telefoon aangetroffen een Nokia type Lumia. Van wie is die?
Verdachte: Die heb ik gekocht.
Verbalisant: Door wie wordt die telefoon gebruikt?
Verdachte: In eerste instantie door mij.
Verbalisant: Wie heeft dat ding nog meer gebruikt met uitzondering van jou?
Verdachte: Misschien de kinderen of weet ik veel wat om iets uit te leggen, maar in de zin van gebruiken, nee.
Verbalisant: Die Nokia Lumia die in de auto lag.
Verdachte: Ik ben de gebruiker van die telefoon. Dat klopt.
Telecomanalyse: tijdlijn telecom in de nacht van 4-5 augustus 2015, opgemaakt door [betrokkene 4] , informatieanalist, dossierpagina 851-853, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Onderzoeksgegevens:Toestel A: Nokia Lumia (gebruiker [verdachte] )Nokia Lumia (IMEI-nummer [0002] ).Uit de verklaring van verdachte [verdachte] is gebleken dat hij de gebruiker is van de Nokia Lumia, voorzien van IMEI-nummer [0002] . Dit toestel is na zijn aanhouding aangetroffen in de Suzuki Wagon van de verdachte [verdachte] .
Samsung Galaxy Trend (IMEI-nummer [0003] )
Uit de historische telecomgegevens van het slachtoffer en overige personen is gebleken dat het slachtoffer ( [slachtoffer] ) de gebruiker was van de Samsung Galaxy Trend, voorzien van IMEI-nummer [0003] .
Simkaart Y: telefoonnummer [0005]
Tijdlijn telecom nacht 4 op 5 augustus 2015
4.augustus 20.29-20.38 uur (toestel A met simkaart X)Op 4 augustus wordt tussen 20.29 en 20.38 uur toestel A gebruikt in combinatie met simkaart X. Er wordt gebeld met het opwaardeernummer van Lebara en er worden service sms-berichten ontvangen. Tot voor dit moment was simkaart X niet eerder in gebruik.
4.augustus 22.46 uur (toestel A met simkaart Y)Ruim twee uur later, op 4 augustus om 22.46 uur, heeft er een wisseling van simkaart plaatsgevonden in toestel A en wordt toestel A gebruikt in combinatie met simkaart Y. Er wordt gebeld met het opwaardeemummer van Lebara en er worden service sms-berichten ontvangen. Tot voor dit moment werd simkaart Y niet eerder gebruikt.
4.augustus 23.38-23.46 uur (toestel A met simkaart Y)Bijna een uur later, op 4 augustus om 23.38 uur, wordt toestel A nog steeds gebruikt in combinatie met simkaart Y, waarbij er wordt gebeld met het opwaardeernummer van Lebara.
5.augustus 0.23-0.32 uur (toestel B met simkaart X)Op 5 augustus om 0.23 uur, is er geen telecomverkeer meer te zien met toestel A. Wat wel is te zien is dat simkaart X, die eerder deze avond tussen 20.29 en 20.38 uur gebruikt is in toestel A, wordt gebruikt in toestel B. Toestel B werd tot voor dit moment voor het laatst gebruikt door het slachtoffer op 31 juli 2015. Om 0.32 uur die nacht wordt er met toestel B in combinatie met simkaart X gebeld naar het opwaardeernummer van Lebara.
5.augustus 3.42-6.46 uur (toestel A met simkaart Y)Op 5 augustus tussen 3.42 en 6.46 uur komt toestel A weer in beeld. Er is te zien dat er met toestel A in combinatie met simkaart Y meerdere Spaanse telefoonnummers worden gebeld. Hieronder bevindt zich een oproep naar een contact van het slachtoffer, genaamd [getuige 3] .
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant,zakelijk weergegeven:
- 4 augustus 2015 om 22.46 uur is gebeld naar 1244 (tegoedcentrale Lebara);
- 4 augustus 2015 om 23.38 uur is gebeld naar 1244 (tegoedcentrale Lebara);
- 5 augustus 2015 vanaf 3.42 tot en met 19.16 uur negentien keer is gebeld naar diverse Spaanse nummers;
- 5 augustus 2015 om 19.29 uur is gebeld naar 1244 (tegoedcentrale Lebara).
- op 4 augustus 2015 om 22.47 uur door middel van een eerste telefonische oproep naar 1244 is geactiveerd;
- op 4 augustus 2015 om 23.38 uur beltegoed is opgewaardeerd. Dit betrof een opwaardering van Lebara € 10,- met uniek serienummer [0006] .
- 4 augustus 2015 om 20.29 uur is gebeld naar 1244 (tegoedcentrale Lebara);
- 4 augustus 2015 om 20.38 uur is gebeld naar 1244 (tegoedcentrale Lebara);
- 5 augustus 2015 om 0.32 uur is gebeld naar 1244 (tegoedcentrale Lebara).
- op 4 augustus 2015 om 20.29 uur door middel van een eerste telefonische oproep naar 1244 is geactiveerd;
- op 4 augustus 2015 om 20.39 uur beltegoed is opgewaardeerd. Dit betrof een opwaardering met uniek serienummer [0007] .
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant,zakelijk weergegeven:
De in de GSM-telefoon aanwezige SIM-kaart werd onderzocht. Het bij de SIM-kaart behorende telefoonnummer is: [0005] .
Spooromschrijving: digitaal bestand
Plaats veiligstellen: afkomstig uit Nokia Lumia 630 met SIN AAHV8222NL
Object: telefoon
Merk/type: Nokia Lumia.
Telecomanalyse: tijdlijn telecom 31 juli - 5 augustus 2015,opgemaakt door [betrokkene 4] , informatieanalist, dossierpagina 929-942, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Toestel 1: Samsung Galaxy Trend IMEI-nummer [0003] Dit toestel is door het slachtoffer gebruikt op 31 juli 2015.
Dit toestel is door het slachtoffer gebruikt op 31 juli 2015.
Toestel 3: Nokia Lumia IMEI-nummer [0008]
Dit toestel wordt na 31 juli 2015 gebruikt in combinatie met drie verschillende simkaarten: [0005] & [0004]
&[0009] .
Tijdlijn 31 juli 201519.15-21.00 uur verdachte verlaat zijn woning en slachtoffer is bij haar kinderen.Uit de verklaring van dochter [getuige 1] blijkt dat nadat verdachte zijn woning heeft verlaten het slachtoffer heeft gebeld met haar dochter Dit gesprek komt overeen met de historische telecomgegevens van het slachtoffer. Hierin is te zien dat om 19.22 en 19.23 met het toestel 3 van het slachtoffer een poging wordt gedaan om contact te leggen met het toestel van haar dochter [getuige 1] . Om 19.24 uur wordt er door dochter [getuige 1] teruggebeld naar het slachtoffer en heeft een gesprek plaatsgevonden van bijna twee minuten. Dit is het laatste verifieerbare moment waarop er iemand anders dan verdachte contact heeft gehad met het slachtoffer.
Tijdlijn telecom nacht 4 op 5 augustus 2015Na het telefoongesprek op 31 juli 2015 om 19.47 uur maken de toestellen van het slachtoffer geen verbinding meer met het Nederlandse mobiel netwerk.De Samsung Galaxy Trend van het slachtoffer maakt tussen 0.23 en 0.56 uur nog een laatste verbinding met het Nederlandse mobiel netwerk, waarna het voorgoed verdwijnt uit het Nederland mobiele netwerk.
Het WhatsApp-account van het slachtoffer, gekoppeld aan telefoonnummer + [0010] , is vier dagen na de verdwijning van het slachtoffer nog actief geweest, waarbij er in de nacht van 4 op 5 augustus 2015 tussen 0.41 en 0.43 uur met dit WhatsApp-account berichten zijn verstuurd naar een mannelijk contact van het slachtoffer: [getuige 3] . Later die nacht en de volgende dag wordt er met het toestel van de verdachte uitgebeld naar meerdere mannelijke contacten van het slachtoffer in Spanje, waaronder het contact [getuige 3] .
schermafdruk van een WhatsApp-gesprek van 5 augustus 2015, van het WhatsApp-account van [slachtoffer] , dossierpagina 924, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
05/08/2015
0.42 Y tu cabron
0.43 Coma mierda maldito idiota
Nederlandse vertaling van het onder 29 genoemde WhatsApp-gesprek, dossierpagina 1823, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
5 augustus 2015
En jij klootzak
Eet shit vervloekte idioot
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant, zakelijk weergegeven:
De telefoon is handmatig door mij uitgekeken.
Belgeschiedenis
[getuige 3] uitgaand wo 17:41
uitgaand wo 6.48
uitgaand wo 3.46.
Met wo wordt bedoeld woensdag 5 augustus 2015.
getuigenverklaring van [getuige 3], gedateerd 11 januari 2016, dossierpagina 1670-1675, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Dat [slachtoffer] op 31 juli naar Nederland vloog. Dat hij vanaf de 31e tot de ontvangst van de WhatsApps geen contact met [slachtoffer] had gehad. Dat hij die week al op maandag WhatsApps aan [slachtoffer] had gestuurd en hij verbaasd was dat zij geen antwoord gaf. En dit tot woensdag totdat hij die slecht opgestelde WhatsApps ontving en door de telefoontjes die hij kreeg van [verdachte] . Dat was van 4 op 5 augustus.
Dat hij op 1 augustus haar een WhatsApp had gestuurd. Dat hij op 2 augustus met een andere mobiele telefoon ook aan [slachtoffer] via WhatsApp vroeg hoe het met haar ging. Dat hij op beide WhatsApps geen antwoord kreeg. Tot op de 5e toen hij de berichten kreeg.
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant, zakelijk weergegeven:
Is een WhatsApp-account blijvend gekoppeld aan één telefoonnummer of kan er ook gewisseld worden van simkaart?
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant, zakelijk weergegeven:
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisanten, zakelijk weergegeven:
Tijdens dit onderzoek werd in het middenconsole een zwart gekleurde Nokia telefoon aangetroffen.
Besloten werd een chemisch bloeddetectieonderzoek in het voertuig te verrichten naar de eventuele aanwezigheid van (latente) bloedsporen. Tijdens het chemisch onderzoek werden op de onderstaande locaties luminescentie waargenomen. De bemonsteringen van deze locaties gaven een positieve reactie op de bloed indicatieve Tetrabase-test:
- op de vergrendeling van het rechterdeel van de rugleuning van de achterbank (SIN AAIT8308NL);
- op de linker bovenzijde (raamzijde) van de hoedenplank (SIN AAIT8306NL);
- aan de rechterzijde van de vloer van de bagageruimte (SIN AAIT8305NL);
- onder de hoedenplank twee strepen in het midden en op de rechterhelft (SIN AAIT8304NL en SIN AAIT 8307NL);
- op het aluminiumfolie ter bescherming van bevriezing van de voorruit, aangetroffen in de bagageruimte (SIN AAIT8303NL).
De volgende sporen/stukken van overtuiging werden in het belang van de bewijsvoering en/of nader onderzoek veiliggesteld:
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisanten, zakelijk weergegeven:
De onderplaat van de bagageruimte werd uit het voertuig gehaald, afzonderlijk verpakt en voorzien van SIN-nummer.
De volgende sporen/stukken van overtuiging werden in het belang van de bewijsvoering en/of nader onderzoek veiliggesteld:
SIN: AAIE1813NL
Bijzonderheden: onderplaat bagageruimte Suzuki 25NPRL.
Onderzoek naar biologische sporen en (aanvullend) DNA- onderzoek naar aanleiding van een vermissing in Maarssen op 5 augustus 2015’,genummerd 2015.08.10.114, gedateerd 10 september 2015, opgemaakt door dr. B. Kokshoorn, dossierpagina 325-329, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Vloermat AAIE1813NL
DNA-onderzoekOnderstaand onderzoeksmateriaal is onderworpen aan een (aanvullend) DNA-onderzoek: AAI05306NL#01 een bemonstering van vlek (AAIT8305NL) uit SuzukiAAIE1813NL#01 bemonstering van een bloedspoor op de vloermat
Resultaten, interpretatie en conclusie vergelijkend DNA-onderzoek:
Bewijskracht van het vergelijkend DNA-onderzoekHypothese I: De bemonstering bevat DNA van [slachtoffer] , [verdachte] en een willekeurige onbekende persoon.Hypothese II: De bemonstering bevat DNA van [verdachte] en twee willekeurige onbekende personen.De bevindingen van het vergelijkend DNA-onderzoek zijn 10.000 tot 1.000.000 keer waarschijnlijker als hypothese I waar is, dan als hypothese II waar is.
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisant,zakelijk weergegeven:
De spade was circa 15 centimeter breed en circa 27 centimeter lang. De bats was circa 23 centimeter breed en circa 27 centimeter lang.
De volgende sporen/stukken van overtuiging werden in het belang van de bewijsvoering en/of nader onderzoek veiliggesteld:
Object: tuingereedschap
Merk/type: spade
Bijzonderheden: betreft spade uit berging
Object: tuingereedschap
Merk/type: bats
Bijzonderheden: betreft bats uit berging
relaas en/of bevindingen van voornoemde verbalisanten,zakelijk weergegeven:
- zijkant van grafkuil nabij kleine boom (SIN AAIL1186NL);
- midden op grafkuil (SIN AAIL1185NL);
rapport ‘Forensische opgraving van een stoffelijk overschot in een bosperceel nabij de Oeverland route te Utrecht, op 16 augustus 2015’van het Nederlands Forensisch Instituut van drs. W.J. Groen, genummerd 2015.08.10.114, .gedateerd 17 september 2015, dossierpagina 135-155, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Op de onderzoekslocatie werden afdrukken van twee verschillende typen graafgereedschap aangetroffen, namelijk:
rapport ‘Grondvergelijkend onderzoek naar aanleiding van het aantreffen van [slachtoffer] op 16 augustus 2015 in een bosperceel te Utrecht’van het Nederlands Forensisch Instituut van A. Dragutinovic, genummerd 2015.08.10.114, gedateerd 10 februari 2016, dossierpagina 397-408, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Hypothese 1 : Het grondspoor is afkomstig van het graf.
Hypothese 2: Het grondspoor is afkomstig van een willekeurige andere locatie, niet zijnde het graf.
Kleding [slachtoffer]
Gebruik OV-chipkaart
Achtergelaten bagage met anticonceptiepil
Pizza/maaginhoud
Contact met [getuige 1]
Verdachte
Verklaring [betrokkene 1]
[betrokkene 1] : (...) Toen gingen ze een rondje lopen over de tafel (...), ik heb het (...) gehoord.
Bloedsporen woonkamer
Onderzoek aan telefoons en simkaarten
Bloedsporen Suzuki Wagon
Bats en spade
Bespreking van de middelen
eerste middelbevat de klacht dat het hof ten onrechte verzoeken tot het doen van nader onderzoek heeft afgewezen, althans dat het hof deze afwijzingen ontoereikend heeft gemotiveerd, dan wel dat deze afwijzingen onbegrijpelijk zijn.
eerste deelklachtziet op het verzoek tot het horen van de deskundigen Botter en Maes.
tweede deelklachtziet op het verzoek tot het horen van deskundige Vincenten van Maanen over de aangetroffen hoeveelheid GHB in het bloed van het slachtoffer.
derde deelklachtziet op het verzoek om de foto’s zoals beschreven op p. 228 van het forensisch dossier teneinde de daarin geformuleerde bevindingen te toetsen.
vierde deelklachtziet op de afwijzing van het verzoek om deskundige Otgaar te horen t.a.v. de verklaring van [betrokkene 1] en het gebruik daarvan tot het bewijs.
t.a.v. het verzoek tot het horen van de verbalisanten die het verhoor van [betrokkene 1] hebben gedaan en — indien daarvan sprake was - de psycholoog bij dit verhoor:
Betrouwbaarheid verklaring [betrokkene 1] en verzoek benoeming deskundige
vijfde deelklachtziet op het verzoek tot het horen van de politiehondengeleiders en de hondengeleiders van Signi.
zesde deelklachtziet op het verzoek tot het horen van de deskundige dr. B. Kokshoorn omtrent zijn bevindingen en onderzoeksresultaten met betrekking tot de aangetroffen bloedsporen van het slachtoffer in de Suzuki Wagon van verdachte.
zevende deelklachtziet op de verzoeken gedaan met betrekking tot de bats en spade en het horen van de deskundige Dragutinovic.
achtste deelklachtziet op het verzoek om de op/in het graf aangetroffen lange donkerkleurige haren zoals beschreven op p. 97 van het forensisch dossier en te zien op de foto’s op p. 123 van het dossier nader te onderzoeken.
tweede middelbevat de klacht dat het hof ten onrechte, althans onvoldoende gemotiveerd, althans onbegrijpelijk, met miskenning van het bepaalde in art. 6 EVRM Pro de verklaring van getuige [betrokkene 1] voor het bewijs heeft gebezigd.
derde middelbevat de klacht dat de inzendtermijn in cassatie overschreden is.