ECLI:NL:PHR:2019:416
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beschikking inzake teruggave inbeslaggenomen jas wegens onvoldoende motivering rechthebbende
De zaak betreft een klaagschrift van een verdachte die de teruggave vordert van een jas die bij zijn aanhouding in beslag is genomen. De rechtbank Noord-Holland verklaarde het klaagschrift ongegrond omdat zij oordeelde dat niet de klager, maar een ander als rechthebbende van de jas moest worden beschouwd. De klager werd verdacht van invoer van cocaïne en deelneming aan een criminele organisatie, maar dit stond los van de jas.
De advocaat-generaal stelt in haar conclusie dat de rechtbank onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de ander als rechthebbende moet worden aangemerkt. De rechtbank heeft niet duidelijk gemaakt op welke gronden dit is gebaseerd, waardoor het oordeel onbegrijpelijk is. Daarnaast is niet vastgesteld dat de klager op juiste wijze is geïnformeerd over het voornemen tot teruggave aan een ander.
De AG adviseert de Hoge Raad de bestreden beschikking te vernietigen en de zaak terug te verwijzen voor een nieuwe beoordeling. Het belang van strafvordering verzet zich kennelijk niet tegen teruggave aan de klager, maar de motivering over de rechthebbende ontbreekt. Het tweede middel over de rechtmatigheid van het beslag faalt omdat het belang van strafvordering zich niet tegen teruggave verzet.
De conclusie van de AG is dat het eerste middel slaagt en de beschikking vernietigd moet worden. De Hoge Raad zal naar verwachting de beschikking vernietigen en de zaak terugverwijzen voor nadere beoordeling van de rechthebbende van de jas.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking wegens onvoldoende motivering over de rechthebbende en verwijst de zaak terug.